zaterdag 26 januari 2013

Voor anker bij De Waterjuffers

Ochtendgloren over het Zuidlaardermeer

Winter in de Oostpolder bij Noordlaren. Een ijzige wind streelt de door konijnenvoetjes betreden sneeuw. Het eerste zonlicht geeft de nieuwe dag een rosse gloed. Kramsvogels vliegen tsjakkend over, winterkoninkjes tikken tegen het raam en meneer mus is bezig met nieuwbouw van zijn huis.

Voor anker bij "De Waterjuffers bij Vos"

Natuurhuisje "De Waterjuffers bij Vos" in winters licht

Drentsche diep, de Hunze bij het Zuidlaardermeer

We zijn gisteravond voor anker gegaan bij “De Waterjuffers bij Vos”. Zo maar een plekje in het altijd weer verrassende natuurgebied Oostpolder ten noorden van Noordlaren. Gelegen aan wat nu het Drentsche Diep genoemd wordt. Eens was dit de benedenloop van de Hunze,  ontstaan als een kilometers brede smeltwaterrivier  in de laatste ijstijden. Nu is het domein van palingvisser Mans Vos en geliefd rustpunt in het fietsrondje Zuidlaardermeer. In de zomermaanden wordt er gezweet op het voortbewegen van een fietspontje. Verbrande kilocalorieën kunnen vervolgens  in het restaurantje van De Waterjuffers weer aangevuld worden. 

Toegangspoort naar De Waterjuffers

Vuurzwam

Huismus, nu al druk met het komend voorjaar

Sinds Lilianne Oskamp neergestreken is aan de Osdijk kan er niet alleen gekozen worden voor het versterken van de inwendige mens. Verscholen tussen de wilgen vond zij een tochtig schuurtje wat eens als vakantiewoninkje gebouwd was. Voor de deur een stervende boom begroeid met hoeden van Gewone Vuurzwam. Van buiten is er niet veel veranderd maar achter de dubbele deur schuilt een knusse wereld. Hoewel onze eerste date al meer dan dertig jaar achter ons ligt worden ook wij gegrepen door de romantiek van dit unieke huisje. Er  is nog net geen knappend haardvuur maar met een glaasje Glühwein in de hand voelt het leven hier goed. Bladerend in het gastenboek lezen we over 10.000 ganzen die hier voorbij trekken, wandelingen die gemaakt zijn en het overheerlijke ontbijt wat elke ochtend uit het niets verschijnt.

Winters beeld langs de Osdijk

“De Waterjuffers bij Vos” is geen verborgen diamant in het  Zuidlaardermeergebied. Gewoon even kijken op de pagina's van Vakantiehuis (ook wel Natuurhuisje of Ferienhaus Natur Pur genoemd)  of haar eigen website en het wordt duidelijk dat elke rustzoeker en natuurgenieter hier welkom is. In de winter samen met tientallen vogels die het als houtige oase  kennen in de verder open polder. Met de komst van tientallen Grutto’s, Kieviten en Tureluurs wordt het voorjaar ingeluid. Dijken worden in de zomermaanden opgefleurd met een lint van Kattenstaart en Koninginnenkruid. Kol- en Rietganzen sluiten het jaar weer af. En “Waterjuffers”? Gewoon tussen april en september even op de steiger gaan zitten. Lantaarntje, Watersnuffel en Vuurjuffer zijn er algemeen.

Ook eens kennis maken met de natuur rond “De Waterjuffers bij Vos”?  Pak de fiets en geniet van een rondje Zuilaardermeer (fietspont alleen te gebruiken tussen april en september). Of ga eens mee met een natuurwandeling van de Stichting Groninger Landschap of Natuurpresentaties. Tip: Hemelvaartsdag 2013, dauwtrappen, vroege vogels kijken en genieten een Waterjuffer ontbijt. Opgave bij Natuurpresentaties.

zondag 20 januari 2013

Merel terreur

Mevrouw Merel wacht op wat komen gaat
Het is dit weekend Nationaal Tuinvogeltelweekend, georganiseerd door Vogelbescherming. Duizenden zitten een half uur te staren naar het vogel gewemel in de tuin of rond het balkon. Vooraf is de lokale gevederde bevolking getraind op vaste voedertijden. Pitten, brood en vet als hoofdmaaltijd. Rozijnen en appel toe.
Merel terreur, macho smijt met zonnebloempitten

Terwijl alles klaar staat raast een zwart gekleurde schicht door de tuin. Oranje snavel ferm vooruit gestoken. Alles vliegt verschrikt op, een nieuw soort roofvogel? Zelfs twee dames merels vinden het allemaal wat teveel worden en kijken vanaf een dakgoot toe tot hij uitgeraasd is. Maar dat kan nog wel even duren want hij heeft ontdekt dat net als in voorgaande jaren er weer een voederhuisje hangt met zonnebloempitten. Wat trekt meer de aandacht dan op het plankje te gaan zitten en met pitten smijten? Kop naar links en even maaien met de oranje pook, dan naar rechts en het effect is overdonderend. Hij zit in een douche van zwarte zonnebloempitten! Een onweerstaanbare macho!

Vink kijkt wat bedroefd toe

Koolmees wacht op rust in de tuin

Roodborst, bang en verscholen achter de takken
Groenlingen, vinken en koolmezen kijken wat bedroefd toe. Hun veilige restaurant wordt geplunderd door een zwarte terrorist. Niets blijft over, alles spat in het rond en komt op de grond terecht. En dat terwijl voor hun juist het uitzicht zo werd gewaardeerd. Overal kan de vreselijke sperwer toeslaan. Even niet opletten en scherpe klauwen boren zich in een warm gevederd lijfje.

Groenlingen ontdekken een ander restaurant
Gelukkig is er nog een tweede optie. De pitten silo, bungelend aan een tak van de esdoorn. Minder veilig omdat de dekking van de schutting ontbreekt maar alles is beter dan honger lijden. Zelfs het Roodborstje komt er af en toe kijken.

Houtduif, voortdurend alert

Op de grond scharrelen de dapperste vogels. Enkele Houtduiven geven het goede voorbeeld. Zo lang er geen kat in de buurt is blijft de tuin een veilige stek voor hun. Zelfs de Koolmees waagt een enkele duikvlucht. Binnen een seconde is een pit gegrepen en meegenomen naar een haktak.

Kauwtje trekt zich niets aan van Merel terreur

Putter kiest voor rust

Sijs kiest voor het gezelschap van een rustige Putter

Buiten de tuin delen Putter en Sijs samen een tak met elzenproppen. Bijna glimlachend kijken ze elkaar aan, zij een verdieping lager, hij (of is het een Putster?) een takje hoger. Rustig pikken en slikken. Heerlijk toch?

Het voederhuisje is leeg. Voor macho Merel is er maar één oplossing, als een dolle rondvliegen en alles opjagen. Het zou toch eens moeten lukken om de dames duidelijk te maken dat hij de beste partner is. Dat het in de liefde om  meer gaat dan macho gedrag is nog niet tot zijn kleine hersens doorgedrongen.

maandag 14 januari 2013

Mantingerzand in winterjas


Mantingerzand, een doorkijkje
Een enorme witte winterjas ligt over het Mantingerzand. Niet onvriendelijk gesloten maar uitnodigend open staand. Kom binnen lijken de besneeuwde takken te willen zeggen, sta even stil en geniet van het uitzicht door de knoopsgaten.

Mantingerzand

Drenten kennen het Mantingerveld beter als het Mantingerzand. Vroeger een geïsoleerde enclave in een zee van mais en wintertarwe. Onderzoeksgebied van biologen die zich afvroegen hoe kleine loopkevers op dit eilandje konden overleven. Of zich het hoofd braken over de geheimzinnige voortplanting van de Jeneverbes. Alleen maar bejaarde bomen en geen jonge opslag. Het antwoord op al deze vragen is er nog nauwelijks maar wel mag het Mantingerzand weer adem halen. Plan Goudplevier van Natuurmonumenten bracht nieuw leven in dit gebied. Het Mantingerzand werd Mantingerveld en is inmiddels in oppervlak verdubbeld.

Jeneverbes, Mantingerzand

Pijpenstrootje

Ruig Haarmos, Mantingerzand

Gekroesde Fopzwam, Mantingerzand

Het Mantingerzand is trots op zijn Jeneverbessen. Statig groen in de winter en nu bijna grafisch zwart-wit in hartje winter. Maar er is veel meer te zien. Pijpenstrootje pollen tussen de bomen zijn wit uitgeslagen met rijp. Op randjes stuifzand staat bevroren Ruig Haarmos, de jonge steeltjes van de nieuwe sporenkapsels opvallend rood aanwezig. Daartussen een laatste Gekroesde Fopzwam, meestal al in december verdwenen maar nu verstild in een ijzige greep.

Aardapplgal, Mantingerzand

Langs de randen van het Mantingerzand geen Jeneverbessen maar Eiken. Kaal staan ze te wachten op een nieuw voorjaar. Aan de takken overal oude Aardappelgallen, een klein legioen vrouwelijke galwespjes is er  inmiddels uitgekropen. Op hun beurt hebben zij eitjes gelegd op dunne wortels van dezelfde boom. In maart komen deze uit en de eik kapselt de jonge larfjes in met een kleine galletje. Medio juni is het hun tijd om uit te zwermen in een vrolijke bruidsvlucht. Als de mannetjes hun plicht gedaan hebben steken de dames hun legboor in een knop en de nieuwe Aardappelgal wordt gevormd.

Mantingerzand en Mantingerveld, uitnodigend mooi.




zaterdag 12 januari 2013

Noordsche Veld, winters perspectief

Grafheuvel, IJzertijd (750 - 0 BC), Noordsche Veld
12 januari 750 (BC): Het is een snerpend koude winterochtend, drie mannen, gehuld in bont, lopen gebukt over de heide, op weg naar de "Negen Bargies". Gister hebben zij hun overleden vader naar het veld van de geesten gebracht, vandaag is het hun taak om zijn asresten af te dekken met een heuvel als blijvende herinnering. Onderweg passeren ze kale akkers, zwart geblakerd met oogstrestanten van het vorig jaar. Daarachter, en al snel overal om hen heen, tientallen grafheuvels die herinneren aan de alleroudste tijden.

12 januari 2013 (AD): Stemmen dartelen over het berijpte Noordsche Veld (tussen Donderen, Norg en Zeijen). Voor het kleine groepje staat de bont gemutste gids van Natuurpresentaties. Hij vertelt over mensen van vijfduizend jaar geleden die iets zuidelijker een hunebed bouwden, over de eerste dorpelingen die begraven werden in een langgraf of in een grafheuvel, over nieuwe zeden en gebruiken waarbij alleen de as, met of zonder pot, in een aarden heuvel achtergelaten werd. In enkele minuten worden duizenden jaren historie samengevat. Het veld van de geesten werd bijna zeventig jaar geleden wreed verstoord door Duitse indringers die 50 grafheuvels moesten plat walsten voor de aanleg van een schijn vliegveld.

Noordsche Veld

Noordsche Veld

Het Noordsche Veld in winters perspectief biedt meer dan alleen een geschiedenisboek wat er om vraagt om hardop gelezen te worden. Klapeksters zijn opvallend afwezig maar langs de randen vliegen wolken spreeuwen en kramsvogels. Schotse Hooglanders en Landgeiten genieten van nauwelijks verwarmende zonnestralen. Vergezichten worden afgewisseld met een ingekaderde blik op wit besneeuwde bossen.

Sneeuwkristallen op Groot Laddermos

Doorschijnende rijp op Pijpestrootje, Noordsche Veld
IJspatronen, Noordsche Veld
 Inzoomend valt vooral een miniatuur wereld van sneeuwkristallen op. Teer en niet verstoord gloeien ze even op om daarna weg te smelten. Mysterieuze paden tekenen zich af onder het ijs, evenwijdig, zwierend en zwaaiend maar zonder doel. Bevroren golfjes in een koude wereld.

Berkenzwam, Noordsche Veld

Moederkoren op Pijpenstrootje, Noordsche Veld
Terwijl hoog in de boom een Gele Trilzwam zich aan het oog van de camera wil onttrekken wordt er lager bij de grond nog voldoende gezwamd. Berkenzwammen en Tonderzwammen sieren dode berkenstammen, Korstzwammen beschilderen gevallen hout, een bevroren Fluweelpootje staat met koude tenen op een stronk. Maar de meeste aandacht gaat toch uit naar het giftige Moederkoren. Als kleine, zwarte sikkeltjes in de uitgebloeide aren van Pijpenstrootje lijken ze zo onschuldig. Maar in de Middeleeuwen zijn duizenden omgekomen door met Moederkoren vergiftigd roggemeel.

Vogelkers, bast met lenticellen, Noordsche Veld
Wilt u ook eens kennis maken met de grafheuvels op het Noordsche Veld. Kijk dan eens naar het korte filmpje van boswachter Aaldrik Pot (Youtube). En als u ook eens met Natuurpresentaties mee wilt lopen klik dan op de link van de "Excursiekalender". Elke maand een ander gebied in Noord-Nederland en altijd met aandacht voor landschap, flora en fauna.

vrijdag 4 januari 2013

Parapluutjes en Kegels

Parapluutjesmos, Marchantia polymorpha
Het is weer gelukt, we zijn een denkbeeldige tijdsgrens gepasseerd! Voor velen een moment van bezinning maar laat de blik eens omlaag gaan. Laag bij de gronds is geen sprake van rust. Er wordt gegroeid en vrucht gedragen. Parapluutjesmos en Kegelmos vragen om aandacht. Niet de eerste keer deze week want ook in Berichten van een Dodenakker werd al over deze bijzondere mossen geschreven.



Parapluutjesmos, Marchantia polymorpha

Wachten voor het spoor is aan de Onnerweg (Haren) een waar genoegen. Hang bij het voetpad even heerlijk over de slagboom, het duurt toch altijd tijden voordat het stalen monster langs raast of tuft. Kijk eens naar beneden, een oerwoud van piepkleine, bruine parapluutjes staan daar stil te pronken. Groeiend op een groen geruite flap en nog geen vijf centimeter hoog.

Sporenkapsel Parapluutjesmos
Parapluutjesmos met broedbekers

Dichterbij blijkt onder de parapluutjes een rommelige massa haren en schubben te groeien. Nog maar kort geleden hingen hier korfjes vol met sporen. Voor Parapluutjesmos is dit het belangrijkste moment in zijn leven. Vrucht dragen, je verspreiden en er voor zorgen dat nog meer open grond toegedekt wordt. Biologen noemen het een "thalleus levermos" wat zoveel wil zeggen dat het plantje geen stengel of bladeren heeft en niet meer is dan een tongvormige lap groen weefsel. Vaak getooid met ronde miniatuur kommetjes vol met snippers. Net als sporen kan elk stukje uitgroeien tot een complete plant. Groot verschil is echter dat deze "broedkorrels" een vorm van vegetatieve voortplanting zijn. Alle nakomelingen zijn dus genetisch identiek aan hun moeder plant.

Kegelmos (Conocephalum conicum) met daartussen Rimpelmos (Atrichum undulatum)

Nog niet zo lang geleden was de wereld van de Parapluutjesmossen redelijk overzichtelijk. Met kwekerijen is echter een nauw verwante soort opgerukt, Kegelmos. Vrijwel altijd zonder parapluutjes maar wel getekend met ruitjes. De `kommetjes` van Kegelmos zijn nooit rond maar half open. Ook zal je dit mosje zelden buiten tuinen, parken of begraafplaatsen aantreffen.

De winterperiode is een uitgelezen moment om klein te beginnen. Wat er bloeit is laag bij de grond te vinden en mossen en korstmossen vallen nu veel meer op. 
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...