dinsdag 19 januari 2016

La Gomera, natuurlijk paradijs, deel 1

Zuidkust La Gomera - Playa Santiago
La Gomera. Proef de naam en de eerste smaak die bovenkomt is zoet. Vakantie, ver van huis en zorgen. Een eiland waar het leven nog is als vroeger. Daarna volgt een sensatie van rijpheid, belegen en pittig als oude kaas. Terug in een tijd van ver voor ons. Even door kauwen en vurige vlammen schieten tenslotte uit je mond. La Gomera, geboren in de smidse van Hephaistos.
San Sebastian met op de achtergrond Tenerife - La Gomera 

Uitzicht op de noordkust richting Hermigua - La Gomera, Mirador el Rejo
Muilezelpaadjes, honderden jaren oud en nog steeds in gebruik - La Gomera, Barranco de Aguajilva
 La Gomera is het één na kleinste eiland van de Canarische eilanden. Gelegen voor de kust van het drukke Tenerife en voor velen een mooi excursiedoel voor één dag. Minimale strandjes, geen promenades, grote hotels en snelwegen. Nauwelijks 25 kilometer breed maar om van de ene naar de andere kant te komen mag minstens twee uur uitgetrokken worden. Na een dag rijden tol je nog een nacht door van alle bochten en steile bergweggetjes. Een internationaal vliegveld is er niet. Vanaf Tenerife, La Palma of El Hierro gaan regelmatig veerboten naar de havens van San Sebastian of Valle Gran Rei. Hotels zijn van bescheiden formaat en overal zijn landelijk gelegen pensions of tot vakantiebungalow verbouwde boerderijtjes te vinden. Met huurauto of bus maak je een eerste start en daarna is het wandelen. Soms over steil omhoog klimmende muilezelpaadjes maar ook over lommerrijke bospaden.

Versteende getuige van oeroud vulkanisma - La Gomera, Agando

Geen kasteel maar een ingestorte kraterpijp - La Gomera, La Laja

Gestolde en verweerde lava - La Gomera, Playa Santiago

La Gomera is met ruim 9 miljoen jaar geologische historie eigenlijk een prille nieuwkomer. Fuerteventura is zeker 10 miljoen jaar ouder, El Hierro is een nakomertje en wat jonger. Tegelijkertijd gedraagt het eiland zich als een suffende grijsaard. Ver voor onze ijstijden werd de verbinding met de vurige mantelpluim verbroken en inmiddels is het twee miljoen jaar geleden dat de vulkaan zijn laatste puf uitblies. Heel bizar want elk ander Canarisch eiland, hoe ver ook meegesleurd met de constant verschuivende Atlantische plaat, bleef met steeds langer wordende magma kanalen verbonden met zijn oorsprong. Deze bijzondere omstandigheid verklaart meteen het ruige karakter van La Gomera. Passaatwinden stuwen elke dag meer vochtige lucht omhoog tegen de net geen 1500 meter hoge piek van de Garajonay. Regen en humuszuren van weelderige plantengroei kerfden diepe dalen in zachte lava en aslagen. Mensen kwamen en hakten grotere en kleinere plantages uit die uiteindelijk het grote spel van de wereldeconomie zouden verliezen. Vooral aan de zuid- en oostkant zijn kale, zondoorstoofde velden te zien die eens begroeid waren met een weelderige maquis.

Canarische wolfsmelk in "cactus jas" - La Gomera, Chejelipes

Mist, leven brengend vocht - La Gomera, El Cabrito

Mosbos - La Gomera, Raso de la Bruma
Canarische vink - La Gomera, Ermita de Lourdes.

La Gomera, een natuurlijk paradijs. Als je aankomt met de late boot en in het donker je comfortabele landhuisje gevonden hebt lijkt het als elk ander Mediterraan eiland. Oleanders en kerststerren langs de weg, ruisende palmbomen en kwakende boomkikkers rond een stuwmeer. Als de volgende ochtend de zon opkomt blijkt pas dat je terecht gekomen bent in een vergeten paradijs. De tijd heeft er stil gestaan. Rijke laurierbossen uit een tijd dat de Sahara nog groen was klemmen zich hier vast aan een rotsblok midden in de oceaan. Letterlijk overal zijn bizarre planten te zien met verre verwanten in de bewoonde wereld maar die er zo anders uitzien dat ze bijna onherkenbaar geworden zijn. Vroeg in januari laat de gewone zwartkop zijn gezang mengen met kanaries. Onze vink heeft een blauwe jas, de tjiftjaf spoort niet helemaal en de raaf is zo groot als een kraai.

Canarische dadelpalm - La Gomera, Chejelipes - La Laja.

La Gomera heeft als eiland de juiste keus gemaakt. Niet inzetten op massa toerisme maar kleinschalig en passend bij de schaal. Rust en ruimte, natuurbeleving en ultiem wandelgenot. Hotspot voor fotografen en biologen. In deel twee van dit verhaal worden loep en verrekijker gericht op de unieke flora en fauna van dit gebied.

Chejelipes, La Gomera -thuisbasis voor kleinschalig toerisme.

Deze reis werd georganiseerd door Ilios Reizen met overnachting in Chejelipes, op 2/3 van de doodlopende La Laja vallei. Inspiratie voor wandelingen werd gevonden in de Crossbill Guide - Canary Islands II (Tenerife & La Gomera).

La Gomera, natuurlijk paradijs, deel 2

Ochtendgloren - La Gomera, Chejelipes
Nog geen half acht in de ochtend. Een haan kraait, in het struikgewas ontwaakt het leven en de eerste zonnestralen strelen keiharde rotsen. Een deur gaat open en naar buiten stapt een grijs behaarde bioloog. Net aangekomen op La Gomera en verbaasd om zich heen kijkend. Agaves geven een vertrouwd gevoel maar iets klopt er niet. Hellingen aan de overkant van het dal zijn versierd met een groen tapijt in een uniek patroon. Bijna ontheemd luistert hij naar een onbekende zanger die de zon begroet.

Succulenten maquis met Canarische wolfsmelk en verwilderde cactus vijg - La Gomera, Chejelipes
Balsam wolfsmelk - La Gomera, Las Rosas
Op La Gomera heeft de mens, net als op elk ander eiland, zijn sporen achtergelaten. Kust en toegankelijke valleien zijn in cultuur gebracht, dorpen en kleine stadjes uit de grond gestampt. Wegen verbinden eens geïsoleerde gebieden. Maar ondanks dat bleef La Gomera een natuurlijk paradijs. Nog geen tien miljoen jaar geleden een kale rots, oprijzend uit de golven.  Begroeid met wat toen voorhanden was en kon wortelen op keiharde lava en afgekoelde as. Bestand tegen blakerende zon of dagelijkse mist en regen. Wat ontstond was een biologisch laboratorium waar dier en plant zich zelfstandig konden ontwikkelen. Mobiele soorten als zeevogels vonden er broedgelegenheid om vervolgens weer uit te zwerven. Vogels die hier bij toeval terecht kwamen kregen een eigen verenkleed en stemgeluid. Maar het zijn toch vooral planten en reptielen die zich gingen ontwikkelen tot Gomerese soorten of soms alleen een band bewaarden met enkele andere Canarische eilanden.

Laurierbos - La Gomera, El Cedro

Mosbos, hangende slierten aan laurierbomen - La Gomera, Mirador el Bailadero

Laurobasidium lauri, bizarre paddenstoelen op laurierbomen - La Gomera, El Cedro
Stengelomvattende pericallis - La Gomera, Mirador del Rejo
Twintig miljoen jaar geleden was de gehele Mediterrane wereld, inclusief de Sahara, begroeid met een dicht laurierbos ("laurisilva"). Niet bestand tegen een steeds droger worden klimaat trok het woud zich terug op enkele Macaronesische eilanden. Op Madeira, Tenerife en La Palma zijn kleine fragmenten bewaard gebleven. Alleen op La Gomera kun je nog letterlijk terugreizen in de tijd. Dwalen door een bos waar elk moment monsterachtige prehistorische wezens uit het dichte gebladerte zouden kunnen stappen. Maar die konden deze eilanden niet bereiken. Insecten, spinnen en miljoenpoten zijn er wel. Prooi voor insectenetende vogels terwijl twee soorten laurierduiven hoog in de bomen verstoppertje spelen met elke verrekijker. Verkennen van deze groene wereld is gemakkelijk, er zijn alleen zoveel wandelroutes dat het nauwelijks mogelijk is om een keus te maken. Begin daarom met een bezoek aan de botanische tuin annex bezoekerscentrum en haal daar een gratis kaart voor het nationale park Garajonay. Weinig tijd? Begin dan met de meest bekende wandeling langs de El Cedro kreek naar Ermita de Lourdes. Eveneens mooi is een combinatie van de meer westelijk gelegen wandeling van Roso de la Bruma en Las Creces. Bereid je voor op een tocht door een regenwoud. Vroeg in de ochtend droog en 's middags vaak mist en regen. Vanaf de takken hangen groengele slierten van diverse soorten slaap- en levermossen. Een weelderige varengroei neemt de plaats in van een gebruikelijke struiklaag. Open plekken zijn zelfs in januari rijk aan alleen hier voorkomende bloemen.

"Heideveld" met Boomheide, 15 meter hoog - La Gomera, Los Barranquilos
Canarische gagel, geen struik maar een boom - La Gomera, Mirador el Bailadero

Hierro melkdistel, geen kruid maar een struik - La Gomera, 

Tweehartenorchis - La Gomera, Los Barranquilos

Tweehartenorchis - La Gomera, Las Rosas

Droge pieken zijn hier begroeid met heide. Geen lage struikjes waar je alleen maar hoeft op te staan om er boven uit te kijken maar letterlijk tientallen meters hoge boomheide. Elders blijft de soort op een bescheiden twee tot maximaal drie meter maar hier kunnen ze uitgroeien tot met grijze baardmossen beklede woudreuzen. Net als in ons Nederlandse hoogveen samenlevend met gagel maar dan wel een andere soort. De Canarische gagel is geen struik maar een echte boom geworden. Het heide-gagelbos (fayal-brezal op La Gomera genoemd) is veel opener dan het laurierbos en dat valt meteen op. Margrieten en melkdistels bloeien zelfs in januari volop. Niet bescheiden maar als forse, houtige struiken. Dieper in het bos, en o.a. massaal bij Barranquillos, staat in deze wintermaand de tweehartenorchis in bloei. Met blaadjes als dalkruid en groene bloemen.

Lepelbladig huislook en lichtgrijze rozetten van gouden greenovia - La Gomera, El Cedro
Gomera boomhuislook - La Gomera, Agando

Sierlijk huislook - La Gomera, Chejelipes

Veelbladig vetkruid - La Gomera, Barranco de Aquijilva
Canarische nachtorchis - La Gomera, Barranco de Aguijilva


Kliffen zijn, net als op veel andere plaatsen, het domein van vetplanten. Is het kaal, droog en heet dan zijn het enkele wolfsmelksoorten die domineren. Stekelig als de Canarische wolfsmelk of bebladerd als de stompbladige en de balsamwolfsmelk. Nog interessanter wordt het als er wat schaduw is, soms uitdrogend maar af en toe mist is ook fijn. Dat zijn de plekken waar letterlijk overal rozetten van diverse huislooksoorten samen met vetkruiden te vinden zijn. In het begin verwarrend veel maar met even bladeren door bijv. de Canarische webflora moet het mogelijk zijn om de meeste soorten op naam te brengen. Voor orchideeënliefhebbers is dit de plaats om vroeg in het jaar uit te kijken naar de Canarische nachtorchis. Niet geurend wit maar net zo hoog als ons welriekende nachtorchis.

Berthelot's pieper - La Gomera, Playa Santiago

Kanarie - La Gomera, Playa Santiago
Tenerife pimpelmees - La Gomera, Barranco de Aquajilva

Canarische tjiftjaf - La Gomera, Chejelipes
Izabelduif - La Gomera, San Sebastian

Voor alleen op La Gomera voorkomende vogels is het eiland te klein en ligt het te dicht bij Tenerife en de andere West-Canarische eilanden. Berthelot's piepers, Canarische tjiftjaf, merels en kanaries (de echte) zitten overal. Canarische vinken en Afrikaanse pimpelmezen zijn niet algemeen en vooral te vinden rond parkeerplaatsen (de vink), open bos of rond dorpen. Beide laurierduiven zijn lastig te vinden, door vroegere jacht zeldzaam geworden maar van nature altijd al hoog in de bomen. Buizerd, torenvalk, raaf en geelpootmeeuw bevolken soms het luchtruim maar vaak is het gewoon stil. Opvallend weinig vogels zijn geïntroduceerd op dit kleine eiland. Geen huismussen, geen spreeuwen maar wel een kleine populatie Noord-Afrikaanse Izabelduiven in San Sebastian.

Boettger's hagedis - La Gomera, Chejelipes

Gomera gekko, ons huisdiertje - La Gomera, Chejelipes

Endemische, alleen hier, voorkomende reptielen zijn deels wat lastiger te vinden. Boettger's hagedissen scharrelen overal rond maar zijn schuw. Even bewegen en ze zijn al weg.. Voor de Gomera gekko kun je gewoon thuisblijven. Met een beetje geluk zwerven er wel enkele exemplaren rond of zelfs in het huis.

Geraniumblauwtje - La Gomera, Chejelipes
Canarisch bont zandoogje - La Gomera, Chejelipes

Canarische atalanta op Gomera slangenkruid - La Gomera, Mirador el Bailadero
Oleanderpijlstaart - La Gomera, Chejelipes
Tenslotte, de vlinders. Veel bloemen betekent uiteraard ook hier veel vlinders. In januari kom je overal Resedawitje en Klein koolwitje tegen. Grote Afrikaanse monarchvlinders en kleine tijgerblauwtjes uit Mediterrane streken hebben op La Gomera een nieuw thuis gevonden. Meest bijzonder voor Nederlandse vlinderaars in deze tijd is toch wel de Canarische Atalanta en het Canarisch bont zandoogje. Duidelijk anders van kleur en de Atalanta is ook nog eens kleiner. De nachtelijke uurtjes zijn ook hier voor de spanners, uilen en allerlei andere micro en macro vlinders. Op een zwoele avond hoorden we een bekend gekrabbel op het raam. Brrrrr, krrrrr, brrrr. Dat kon natuurlijk niets anders zijn dan een pijlstaart. Liefdevol hebben we hem of haar even binnen uitgenodigd en daarna weer verder laten vliegen.

Canarisch klokje - La Gomera, El Cedro
Zwervende heidelibel - La Gomera, Barranco de Aguajilva

Twee delen La Gomera, natuurlijk paradijs zijn te kort om alles te kunnen beschrijven. Voor elke natuurliefhebber zou dit eiland hoog op de wensenlijst kunnen staan. Makkelijk te bereiken en ideaal voor een vakantie van twee weken. Ilios reizen maakt het ook nog eens betaalbaar.  Meer lezen? Blader dan eens door de Crossbill Guide Canary Islands II.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...