vrijdag 27 december 2013

Fladderend door 2013

Pruikzwam, Veluwezoom (De Steeg)
In de laatste dagen van december kijk ook ik weer even terug op 2013. Dramatische gebeurtenissen op het wereldtoneel zijn op ons netvlies gebrand maar er waren ook kleine en grote lichtpuntjes. De ontdekking van de Olinguito bijvoorbeeld, een nieuw en springlevend teddybeertje in Ecuador. Uit mijn waslijst van nieuwe soorten in 2013 zou ik de Pruikzwam naar voren kunnen schuiven. Helemaal niet nieuw voor de wetenschap maar na decennia genieten in de natuur pas op Eerste Kerstdag 2013 in Nationaal Park Veluwezoom voor het eerst gezien.



Nachtvlinderestafette 2013, Ineke Radstaat-Koopmans
als organisator vanuit Vlinderstichting


2013 zal in mijn herinnering vooral het jaar van de Grote Nachtvlinderestafette zijn. Zoals Kars Veling al beschreef op Natuurbericht werd op 39 verschillende natuurkampeerterreinen tussen Wad en Vaals werd in totaal 42 keer met ruim 1400 gasten genoten van honderden soorten vlinders. Net als in 2012 weer uitgevoerd als gezamenlijke activiteit van de Vlinderstichting en de Stichting Natuurkampeerterreinen. Op 29 april begonnen op Camping de Roos in Beerze en op 13 augustus afgesloten op Camping Harskamperdennen in Kootwijk. Vooral in het begin koud maar later werd het steeds comfortabeler. Echt genieten werd het op zwoele zomeravonden, het publiek in een halve cirkel om het laken, vlinders die met tientallen tegelijk binnen kwamen vliegen, zittend op een campingstoeltje met een glaasje wijn aangeboden door de campingbeheerder. Helemaal relaxed waren de avonden waarop Ineke Radstaat-Koopmans (Vlinderstichting) en Narda Blanken (SNK) als tweede presentator kwamen meehelpen.

Groot Avondrood, Natuurkampeerterrein De Rietkraag, Lemelerveld
Wapendrager, Camping de Roos, Ommen

Geelpurperen stipspanner, Natuurkampeerterrein De Meene, Buurse

Tweekleurige tandvlinder, Landgoed Vilsteren

Aan het eind van de lange rit vraagt iedereen wat de meest bijzondere soorten waren die de Nachtvlinderestafette opgeleverd heeft. Ik draai dan graag de vraag om: welke vlinder heeft op u de meeste indruk gemaakt? Bijna altijd zijn dat beestjes die op een vinger wilden poseren. Wat diepzinnig met grote, zwarte facetoogjes kijkend naar al die opgewonden mensen. Wapendragers, Groot Avondrood en Dennenpijlstaart wilden altijd wel meewerken. Grote Hageheld en Rietvink waren vaak zelf te druk om even rustig te gaan zitten. Persoonlijk ga ik toch voor vlindertjes die nooit eerder mijn pad kruisten. De Geelpurperen Spanner bijvoorbeeld. Gezien op Natuurkampeerterrein De Meene (Buurse), het terrein waarop ook al de meeste soorten vlinders werden genoteerd. Of de Tweekleurige Tandvlinder die op Landgoed Vilsteren even langs kwam vliegen.

Ophrys lyciensis, Lake Bafa

Vorkstaartplevier, Menderes Delta

2013 Turks fruit. Een vijfdelig verslag van een bijzondere natuurreis, georganiseerd door Hamba Kahle Natuurreizen en SNP Natuurreizen voor een groep van twintig leden van de KNNV. Vanaf de tulpen van Adrasan, de orchideeën van Kas tot de Vorkstaartplevieren langs de Menderes delta en de ruïnes van Efese bij Selcuk.

Jan van Gent, Helgoland

2013, Jan van Genten op Helgoland. Met meer dan een uur extra schommelen op een woest opgeklopte Noordzee, dan overstappen op een landingsvaartuig. Het bezoek aan de rode klif begon al spectaculair maar werd nog beter toen we boven gekomen letterlijk in de huiskamer van de Jan van Genten mochten binnen stappen. Op slechts enkele meters voor de lens konden we genieten van hun dagelijks leven. Terwijl de laatste berichten over de visstand uitgewisseld werden werd er voor de eieren gezorgd, het nest verfraaid en ervoor gezorgd dat de buren op snavelafstand bleven.

Hotel Alpina, uitvalsbasis voor alpenwandelingen 

Alpenanemoon, Tschiertschen

2013, herfstpracht met Hotel Alpina. (Tschiertschen, CH). Voor het eerst eens in september in de Alpen, genietend van bloeiende tapijten van Herfstijloos, vruchten van Alpenanemonen en allerlei Kamperfoelie soorten maar ook zwevende Steenarenden op zoek naar een vette Alpenmarmot.

Hunebed Boswachterij Anloo

2013, meest gelezen blog over Nederlandse natuur was Steentijdbos in herfststemming. Een  sfeerbeeld van een bos op de Hondsrug waar 5000 jaar bewoning zijn sporen in het landschap achter gelaten heeft. Niet alleen een deel van het Olde Landschap Drenthe maar ook een parel van het in augustus internationaal erkende Geopark De Hondsrug.

Sneeuwbalhaantje

Slijmzwammen, mysterieus mooi

2013, klein en bijzonder. Als inmiddels gebruikelijk werd de loep af en toe ook gericht op bijzondere natuur waar iedereen aan voorbij loopt. Het huwelijksleven van de Kleine Wintervlinder bijvoorbeeld. Of Slijmzwammen en Sneeuwbalhaantjes. Misschien niet op elke wandeling te zien maar met een beetje oog voor klein en fijn toch niet te missen.


Het boek van 2013 kunnen we sluiten, 2014 ligt op tafel. Nog niet opengesneden en wachtend op nieuwsgierige lezers. Ik heb er zin in, u ook?

zondag 22 december 2013

Winterwandeling Gieterveld

Boswachterij Gieten
Waar eens de onmetelijk stille en soms paarse heide haar armen sloot om kleine geriefhoutbosjes ligt nu het houten schaakbord van Boswachterij Gieten. Tachtig jaar geleden glad gewalst, verkaveld in keurige vakjes en voorzien van eindeloze rijen genaalde boompjes. Storm en veranderend natuurbeheer hebben vervolgens drastisch ingegrepen maar het schaakbordpatroon van rechte paden en percelen ongemoeid gelaten. Alleen voor vierhoevige bezoekers en tweebenige baggeraars zijn er wat kronkelige lijnen getekend.

Gletsjerkuil, een pingo ruïne in het Gieterveld

Zandwinning Gieterveld, zand uit de warme Eemperiode

De winter is een uitstekend seizoen om dit bijzondere gebied op de kruin van de Hondsrug te ervaren. Grootbladige Amerikaanse eiken hebben dan hun blad laten vallen en bieden zicht op rimpels en plooien in het landschap. Het zijn restanten van verstuivingen na overbegrazing van de heide in de negentiende eeuw. Gulzige zandzuigers. Meer dan tienduizend jaar geleden lag dit zand nog op een grote vlakte die we nu kennen als de Noordzee. Rendieren graasden op de permanent bevroren toendra van het Gieterveld, geregeld gegeseld door enorme zandstormen. De grote grazers van toen zijn vervangen door kleine reeën maar midden in het bos liggen nog enkele doodijsgaten (bijv. de Gletsjerkuil) die regelrecht teruggaan tot deze laatste ijstijd (110.000 - 10.000 jaar geleden). Rond van vorm en gecreëerd door een ondergrondse ijslens. Op twee plaatsen in en bij het bos kunnen we nog verder terugkijken in de geschiedenis. Grote zandzuigers vergrijpen zich hier aan het witte duinzand uit de Eem-tijd, een warmere periode tussen twee ijstijden. Als Gieten en Gasselte toen bestaan hadden waren het welvarende badplaatsen tussen eindeloze duinenrijen. Nog ouder is de ruggengraat van het gebied: de Hondsrug. Opgebouwd uit keileem in de tweede ijstijd, minstens 200.000 jaar geleden.

Mosbos, Gieterveld

Vanaf de jaren dertig ging het op het Gieterveld vooral om houtproductie. Maar in de afgelopen twintig jaar wordt er nog maar selectief geoogst. Open plekken worden niet meer ingeplant maar teruggeven aan de natuur. Zaailingen van naald en loofbomen mogen zelf het gebied inrichting. Omgewaaide bomen mogen weer vergaan op de plek waar ze gevallen zijn. Totaal overwoekerd door een verende laag mos, verteerd door tientallen soorten zwammen.

Grote Sponszwam, Gieterveld

Teervlekkenzwam, Gieterveld

Op deze late decemberdag zitten er meer Kruisbekken dan mensen in het Gieterveld. Overal klinkt het "kiep-kiep" en af en toe begint een felrood heerschap in de top van een naaldboom wat te jodelen. Sijsjes, koolmees en pimpelmees trekken zich er niets van aan en gaan gewoon door met het zoeken naar de dagelijkse kost. Maar ook laag bij de grond is er zelfs op de kortste dag nog veel te zien. Grote Sponszwammen bijvoorbeeld. Parasieten op de voet van dennen en vaak in gezelschap van de Dennenvoetzwam. Op een restant van wat eens een fiere dennen jongeling was groeien Teervlekkenzwammen. Zwaar uitgevoerde elfenbanken met een prachtige gele groeirand. Maar Stekeltrilzwammen zijn toch wel het meest bizar. Glibbers met zachte stekels aan de onderkant.

Stekeltrilzwam, Gieterveld

Wandelen in en rond het Gieterveld kan vanaf verschillende parkeerplaatsen. Voor deze wandeling ben ik begonnen bij de kleine parkeerplaats van bungalowpark De Kremmer / Camping Lente van Drenthe aan de Houtvester Jansenweg. Vanaf de weg een ruiterpad naar het noorden volgend en vervolgens voor de zandwinning westelijk afbuigend naar de rode route en de Gletsjerkuil. Daar vandaan zijn er diverse mogelijkheden om terug te wandelen.


Tip: 28 december, natuurwandeling Gieterveld (14.30 uur), midwinterhoornblazen (vanaf 13.30 uur) en winters smullen bij De Lente van Drenthe. Opgave natuurwandeling zeker gewenst, info (AT) natuur-presentaties.nl.

zondag 15 december 2013

Lheebroekerzand , paddenstoelenfeest

Lheebroekerzand
Lheebroekerzand, zondag 15 december. Een klamme deken ligt plat op het gele Pijpenstrootje, kale berken reiken naar een grijze wolkenmassa. De zandige grond ingekerfd door tientallen banden, betreden door meer dan 25 mensenvoeten behorend bij een half zo groot aantal leden van KNNV Groningen.





De uiterste noordoosthoek van het Dwingelderveld was ruim honderd jaar geleden een dodelijk vermoeide zandvlakte. De toppen van de blanke duintjes begroeid met een enkele den, daartussen wat schamele heide, jeneverbessen en vooral heel veel stuifzand. Dertig jaar later trok een legioen werkloze Hollanders hier naar toe om de woeste grond te temmen. Strepen werden getrokken, de hei ging op de schop en duizenden sparren en dennen werden geplant. Nog eens tachtig jaar later mag de natuur weer zijn gang gaan. Oude jeneverbes struwelen worden gekoesterd, exoten verwijderd en heide mag weer kiemen.

Myxomyceet, een Slijmzwam (sporulerend), Lheebroekerzand

Half december is het rustig. Een enkel wolkje Kruisbekken is niet in staat de afwezige zon te verduisteren. Voor grote verrassingen en bijzondere vondsten moet de blik naar beneden gericht worden. Grote paddenstoelen zijn al dagen geleden gesneuveld door de ijzige beet van een eerste nachtvorst. Rossige en Leverkleurige melkzwammen proberen het nog vol te houden maar hebben het er zichtbaar moeilijk mee, Het zijn de houtpaddenstoelen die nu alle aandacht trekken. Van ontzettend kleine, sporulerende myxomyceten (slijmzwammen, geen echte paddenstoel) tot grote Doolhofzwammen.

Groene Schelpzwam, Lheebroekerzand

Waaiertje

Twee plaatjeszwammen op hout vallen bijzonder op. Beide met een klein, excentrisch geplaatst steeltje.
De Groene Schelpzwam is al op leeftijd. Van groen inmiddels wat bruingeel gekleurd maar nog steeds met fraai oranje-gele plaatjes. Op een grote Kastanje is zelfs een echte Jacobsladder van Groene Schelpzwammen te bewonderen. Niet tot in de hemel reikend maar wel al een eind op weg. Veel fijner van sculptuur is het Waaiertje. Uitgevouwen als de waaier van een adelijke dame en met vreemd, diep gespleten plaatjes aan de onderkant.

Fopelfenbankje, Lheebroekerzand

Winterhoutzwam, Lheebroekerzand

Overal op het Lheebroekerzand zijn Polyporaceae te vinden. Letterlijk "veelgatigen" maar in de volksmond vooral bekend als Elfenbankjes. Niet alleen de echte maar ook reuzen als Echte Tonderzwam en Berkenzwam. Veel interessanter is het Fopelfenbankje. Van boven sprekend een Gewoon Elfenbankje, van onder ..... een plaatjeszwam. De gaatjes zijn met elkaar vergroeid tot een fijnmazig netwerk van lamellen. Maar het kan nog vreemder. Elfenbanken zitten met een hoed aan het hout vast maar ook daar zijn uitzonderingen op te vinden. Wat te denken van een Winterhoutzwammen. Een beetje houtig, lang gesteeld en met een mooie, bruin glanzend hoedje. Alleen door even onder de hoed te kijken wordt het duidelijk dat het toch een echte "veelgatige" is.

Kabouterbadje in Aardappelbovist, Lheebroekerzand

Wasgele bekerzwam, Lheebroekerzand

Teruglopend weet de excursieleider nog een kabouterbadje te laten zien. Een half vergane Aardappelbovist is gevuld met regenwater. De randen van de badkuip omgekruld afgewerkt. Even verder komt echter ook voor hem een onverwachte vondst. Op een mestvaalt met vooral veel rogge-stro groeit de Wasgele Bekerzwam. Op zich niet zeldzaam maar wel bijzonder fraai gevormd. Zijn wetenschappelijke soortnaam verwijst naar graan ("cereale") maar het is niet echt een kieskeurige eter.

Lheebroekerzand, zonsondergang

Lheebroekerzand in de winter. Een bijzonder mooi gebied, gevarieerd en rijk aan bijzondere paddenstoelen.




zaterdag 7 december 2013

Trilzwammen, glibberig mooi

Kniphorstbos, Schipborg
December in het Kniphorstbos (Schipborg). Plassen zijn bevroren, de lucht is loodgrijs met af en toe een half zonnestraaltje. Grafheuvels en hunebedden liggen versteend te wachten op het voorjaar. Zweedse Kruisbekken vliegen "kiep "kiep" roepend over, een verkleumde Boomklever laat zijn schelle roep even horen.
Gele Trilzwam

Dan valt het oog op een knalgele hoop snot. Gedrapeerd om een slordig door de Sinterklaasstorm neergesmeten eikentak is het een opvallend element op het frisgroene mos. Een Gele trilzwam! Als vrijwel alle paddenstoelen na de eerste nachtvorst letterlijk het loodje leggen wordt het tijd voor deze bizarre zwam. Kou en vorst deren hem totaal niet. Terwijl vrijwel elke bevroren cel na ontdooien kapot gaat gaat deze gele snotterbel vrolijk door met groeien. Soms overdag ontdooid en 's avonds veranderend in een geel ijsje, het maakt allemaal niet uit.

Gele Trilzwam

Paarse Korstzwam, gastheer Gele Trilzwam

Voordat de geel gekleurde vruchtlichamen van deze zwam verschijnen moet er wel wat gebeuren. Het zijn parasieten op o.a. Paarse Korstzwammen. Met een beetje geluk zijn beide zwammen op één tak terug te vinden. Lukt het niet? Dan zijn er in de schors toch schimmeldraden van de gastheer aanwezig. Zonder Korstzwam geen Gele Trilzwam.

Gele Trilzwam

Trilzwammen behoren tot de grote groep van Basidiomyceten waar ook alle plaatjeszwammen, boleten, bovisten en stinkzwammen bij ingedeeld worden. Ogenschijnlijk lijken al deze paddenstoelen totaal niet op elkaar. Maar onder de microscoop blijkt dat ze allemaal sporen hebben die als parels op een kroon gevormd worden. Meestal vier, en bij de Trilzwammen op lange steeltjes, sporen worden door cellen afgesnoerd. Soms aan speciale orgaantjes, zoals plaatjes en buisjes, soms gewoon op de bovenkant van de zwam.

Eikentrilzwam

Zwarte trilzwam

Het aantal trilzwammen in Nederland is redelijk beperkt. Soortenbank.nl heeft er tien opgenomen waarvan de Toltrilzwam en de Spateltrilzwam zo zeldzaam zijn dat het mij niet gelukt is om ze in veertig jaren zoeken ooit voor de lens te krijgen. Meest algemeen zijn de Gele trilzwam en de Eikentrilzwam. De laatste ligt als zwarte, plat gedrukte dropjes op eikentakken. Zwarte trilzwammen zijn wat bescheidener en bedekken complete takken met een zwarte, aangedrukte hersenachtig gekronkelde korst.

Klontjestrilzwam

Stijfselzwam
Bruine Trilzwam

Stekeltrilzwam

Echt snotterig zijn de Kerntrilzwam en de Stijfselzwam. Wit, kledderig en vormeloos liggen ze op afgevallen takken. Voor mij voldoende aanleiding om meteen maar door te lopen naar de mooiste Trilzwammen. Op de tweede plaats staat de Bruine Trilzwam. Net een bekerzwammetje maar dan wat onregelmatiger en altijd op hout. Vaak in groepjes van bruin geplooide schijfjes bij elkaar staand. Veruit de mooiste is echter de Stekeltrilzwam. Altijd op half vergane boomstronken en op het eerste gezicht helemaal niet gelijkend op een trilzwam. Zonder er aan te komen lijkt het wel een stekelzwam. Op een smal , excentrisch steeltje staat een hoedachtig schijfje met aan de onderkant allemaal stekeltjes. Maar voel er eens aan, dan blijkt het een echte glibber te zijn.

Paarse Knoopzwam

In de natuur komen altijd soorten voor die ergens op lijken maar het toch echt niet zijn. Paarse en Zwarte Knoopzwammen  en bijvoorbeeld. Net trilzwammen maar ze behoren tot een totaal andere groep zwammen, de Ascomyceten. De Zakjestrilzwam maakt het nog bonter, zelfs zijn naam wijst naar een trilzwam maar ook deze behoort ook tot dezelfde super groep.

Trilzwammen, verassend bizar en boeiend.


zondag 24 november 2013

Bij nacht en ontij

Tussen de bomen ligt een inktzwart tapijt van diepe duisternis, daarboven een donker firmament met een enkele flonkerster. In de verte nadert een dolend licht, het enige wat zichtbaar wordt zijn dansende schaduwen. Zwaaiend van onder naar boven, van links naar rechts. Wat gebeurt daar bij nacht en ontij?
Kleine Wintervlinders, rustend op een Amerikaanse Eik

Een gestalte wordt zichtbaar, een forse Maglite in zijn hand. Speurend loopt hij van boom naar boom, soms even doorlopend, dan weer stoppend. Eiken, inlandse en Amerikaanse, zijn duidelijk favoriet. Dichterbij wordt gefladder zichtbaar, kleine, grijze vleugeltjes voeren een herenballet op. Alles gericht op die mysterieuze boomstammen waar ze geregeld neerstrijken.

Kleine Wintervlinder op een verlicht raam

Kleine wintervlinder, paring

Kleine wintervlinder, paring

We zijn te gast in de bruilofstnacht van de Kleine Wintervlinders. Een paar koude nachten heeft de bel geluid voor duizenden poppen die diep onder de strooisellaag maanden hebben liggen wachten. Het lijkt wel of het bos compleet tot leven is gekomen. Overal vliegen en kruipen vlinders. Nu moeten ze erbij zijn....maar waarbij? Want hoe goed er ook gezocht wordt, slechts twee bruidjes laten zich zien. Kennelijk staan al die honderden heren nog te wachten op het grote moment waarop de dames achter de coulissen vandaan willen komen.

Kleine wintervlinder, vrouwtje

Dames zijn in onze ogen maar nietige beestjes. Een beetje wantsachtig met niet meer dan frommels als vleugeltjes. Vliegen kunnen ze niet en lopen gaat ook niet al te snel met een dikke buik. Zodra ze uit de pop komen hebben ze maar één doel voor ogen: omhoog! En dat bij voorkeur in een eik want daar heeft hun nageslacht de beste kans om op te groeien. Eigenlijk best bijzonder want hun rupsjes lusten bijna elk blad wel. Binnen een dag worden ze bevrucht, zetten eitjes af bij enkele veelbelovende knoppen en gaan dan dood. Enkele weken als rupsje smullen, maanden roerloos als pop onder de grond en dan is het als vlinder in slechts een etmaal gebeurd. Wat een leven.

Grote Wintervlinder

Pissenbed

Duizendpoot

Rondsluipend blijkt al snel dat er meer te beleven is. Een enkele Grote Wintervlinder zit stil op een boom. Duidelijk is dat het voor hem geen zin heeft om rond te vliegen, er zijn vannacht geen dames aanwezig. Pissenbedden scharrelen over een boomvoet, een verkilde slak is niet meer in staat vooruit te komen.
Dan verschijnt in het licht van de zaklantaarn een immens roofdier! Tenminste als je zo groot bent als een dame Kleine Wintervlinder betekent een Duizendpoot groot gevaar voor lijf en leden. Gifkaken als pincetten klaar om toe te slaan, tientallen pootjes gereed om elke achtervolging te winnen.

Trek een dikke jas aan, ga er eens op uit in een donkere novembernacht en geniet van het vlindercircus.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...