dinsdag 1 mei 2018

Voetstappen op het Pieterpad 2


Voetstappen vereeuwigd. Toos Goorhuis en Bertje Jens in beton vastgelegd voor alle Pieterpad wandelaars die in hun sporen noord of zuidwaarts trekken. Dankbaar voor hun initiatief en alle Pieterpadvrijwilligers staan we stil bij dit bijzondere monument direct achter kasteel Vorden.








In het eerste deel van deze serie trokken we door heuvels en door dalen, passeerden beken en eindigden bij de Maas in Venlo. Voor het tweede deel hebben we een reuzensprong gemaakt en gaan verder vanaf Kasteel Vorden. Geen smokkelpoging om zo het Pieterpad wat korter te maken maar het tussengelegen stuk bewaren we voor dagtochtjes vanuit Tilburg.

Landgoed Den Bramel, Laren
"Dikke Boom", Landgoed Verwolde

Vosje, een solitair levende bij druk doende met verzamelen van wilgenstuifmeel
Het landschap tussen Vorden, Laren en Holten laat zich beleven als een kijkdoos. Vol stillevens van tijden die eens waren en nooit meer terugkomen. Verstilde landhuizen, kleurige luiken van pachtboerderijen en statige lanen herinneren aan 18e en 19e eeuwse Gelderse rijkdom. Klein en bescheiden als Den Bramel tot het bijna protserige van Landgoed Verwolde. Als Pieterpatter mag je vanaf paden even naar binnen kijken. Je blik laten gaan over gevels die bedoeld waren om te imponeren. Tuinornamenten en uitgestrekte bossen ontdekken die eens dienden ter verpozing en vermaak van langgerokte jonkvrouwen en zwierige heren. Wegen die in stilte vertellen over eindeloze rijen marskramers die hier langs trokken. Vanuit Duitsland op weg naar Zutphen en Deventer. Misschien even pauzerend bij wat we nu kennen als de dikke boom. Rond 1500 werd hier een eikeltje aan de aarde toevertrouwd, in 2018 kijkt de woudreus minzaam op het mensenvolk neer.

Holtens zwijn

Holterberg

Vermiljoenhoutzwam, Noetselerberg
Al voor Holten voel je letterlijk het landschap veranderen. Golvende akkers verraden de uitlopers van de Sallandse Heuvelrug. Ruim 130.000  jaar geleden mocht het landijs zich volledig uitleven op een gebied getekend door de machtige Oerrijn. Grintpakketten en rivierduinen werden als een tafellaken opgerold en tientallen meters opgestuwd. Voor de latere landbouwers werd het een brug te ver, alleen voor veeteelt bleek het gebied geschikt. Grazende bekjes en bosbranden zorgden uiteindelijk voor een tapijt van heide gelardeerd met jeneverbossen. Noeste bosbouwers in de jaren dertig van de vorige eeuw veranderden grote delen van de Holterberg, de Noetselerberg en de Hellendoornse Berg in uitgestrekte naaldhoutplantages. Na nog eens tachtig jaar mag de natuur weer terugkeren. Voor het korhoen is het te laat maar de boomleeuwerik wordt er blij van.

Driekleurig viooltje, Hellendoorn


Grenssteen marken Archem en Lemele

Archemerberg, 79 meter + NAP

Beneden Regge
Uitkijktoren Besthmerberg
Tussen Hellendoornse Berg en Lemelerberg ligt een natuurlijke laagte. Verveend en drooggelegd is het nu een uitgestrekt weidegebied afgewisseld met maisakkers. Bijna een adempauze tussen de ene ijstijdrimpel en de volgende plooi. Naar het Noorden lopend is dit meteen de laatste heuvel. die genomen moet worden. Terwijl de Lemelerberg bijna bezadigd gelopen kan worden lijkt de Archemerberg in te zetten op de titel "kuitenbijter". Enkele steile stukjes, uitgeërodeerd door afstromende regen, geven een gelukzalig gevoel als je vanaf de bijna 80 meter hoge top Zwolle probeert te ontdekken. Een passerende boomvalk lijkt wat meewarig naar beneden te kijken op asl dat menselijk geploeter. Ruim 45 meter lager ligt de laatste heuvel, de Bestmenerberg. Met de hoge uitkijktoren wordt het mogelijk om over al het omringend groen te kijken. Naar het zuiden het dal van de Regge, naar het noorden de machtige Overijsselse Vecht. Twee ijstijdrivieren, rustig meanderend en in niets meer herinnerend aan de enorme smeltwaterstromen die hier ooit gelopen hebben.

Vecht, Ommen

Galnoot, Junne

Rheeze
Vechtbrug Hardenberg
De afsluitende etappe van deze aflevering volt het dal van de Vecht van Ommen tot Hardenberg. Deels bebost maar geregeld met schitterende doorkijkjes richting de rivier en zijn begeleidende hooilanden. Boswachterij Hardenberg lijkt op een prelude van de Drentse bossen maar brengt de wandelaar via Rheeze toch weer terug bij de rivier. Als kers op de taart volgen dan nog de Heemser hooilanden en nieuwe natte natuur rond de Molengoot vlakbij het centrum van Hardenberg.

85 kilometer Pieterpad, van rijke cultuurhistorie tot ijstijdgeweld. Al lopend beleef je het landschap van top tot teen.




vrijdag 6 april 2018

Voetstappen op het Pieterpad 1

Pieterpad
Nederland van teen tot kruin. Een dwarsdoorsnede van landschappen die nu net niet oer-Hollands zijn. Dat biedt de oudste en met 498 kilometer langste wandelroute van Nederland. Oorspronkelijk bedacht van Pieterburen naar Pietersberg maar ons alternatief, van  zuid naar noord is ook mogelijk. Afdalend van de Maasterrassen, stuwwallen beklimmend en uiteindelijk de geur van het Wad opsnuivend.






Start en eindpunt Pieterpad op de St.Pietersberg
Oude gangen St.Pietersberg

Gevlekte aronskelk


Maastricht

Watermolen in de Jeker
Het heeft iets symbolisch. De winter verliest geleidelijk zijn ijskoude greep, heel voorzichtig knipoogt het voorjaar naar een bleek zonnetje en onze schoenen zetten hun eerste sporen op een nog uitgestorven Pieterpad. Het is begin maart en vanuit een meer dan tweeduizend jaar oude stad klimmen we omhoog naar een nu uitgeholde berg met ruim vijfenzestig miljoen jaar op de teller. Het geluid van de wind over de golven van de Tethys Zee zal niet anders geklonken hebben dan in 2018. Een vrolijk kwetterende heggenmus brengt ons terug naar het nu. Gevlekte aronskelk begint al uit te lopen en in de groeve bloeit klein hoefblad.

Bemelen

Pieterpadlunch

Bemelerberg

Pad naar de Geul
Geul bij Strabeek


Vanaf de Pietersberg gaat het eerst richting het noordoosten. Bemelen, holle wegen, kleine mergelgroeves herinnerend aan vleermuistellingen in de jaren zeventig en dan richting Strabeek bij Valkenburg. Korte hellingen brengen je steeds hoger en uiteindelijk sta je voor de oever van de Geul. In de zomer arena voor baltsende bosbeekjuffers maar nu een in zichzelf gekeerde beek die heerlijk aan het boetseren is met zijn oevers. Verse beversporen laten zien dat er noeste houtarbeiders in de buurt zijn. Recente krantenberichten vertellen over een provincie die geplaagd wordt door deze knagers maar zelfs met goed kijken kunnen we niet meer dan enkele bewerkte bomen vinden.
Pad noord van Strabeek
Terstraten

Hellerhof

Houten steenuil

Pieterpad markering

Sittard, Markt

Na Strabeek wordt het landschap steeds kleinschaliger. Holle wegen belemmeren het uitzicht. Schitterende Limburgse hoeves in Helle en Terstraten liggen bijna nonchalant uitgestrooid over het plateau. Verlaten grintgroeves ten  oosten van Spaubeek herinneren aan tijden van weleer toen eerst de Rijn verder naar het westen zijn bedding zocht en later de Maas het overnam. Na ruim 20 kilometer laat Sittard zich zien van zijn rijke roomse kant. Een prachtige statie over de Kallenberg nodigt Pieterpatters uit tot overdenking. Louterend voordat men zich op de Markt mag gaan laven.

Isenbruch - Schalbruch

Smalste stukje Nederland 

Montfort, kasteel

Natuur in Nederland is schaars en dat blijkt goed tijdens de derde etappe. Van Sittard naar Montfort zijn het vooral uitgestrekte landbouwgebieden met hier en daar snippers natuur langs snelstromende beekjes. Zingende veldleeuweriken jubelen van blijdschap maar beseffen nog niet dat in dit akkerland het maar moeizaam insecten zoeken is voor hun erfgenamen.

Vlootbeek

Herinnering Romeinse muntvondst Vlootbeek

Teder, klein - Platgeslagen Sinterklaasmutsmos met sporenkapsels

Roer

Beversporen

Kasteel Hillenraedt, Swalmen

Pieterpad trefpunt Swalmen

De vierde etappe van Montfort naar Swalmen is een stuk aangenamer. Beginnend langs een beekje, met verhalen over Romeinse munten die hier ooit begraven lagen, en dan "Het Sweeltje". Tot aan Sint Odiliënberg is het een aangenaam vogelconcert in dit bos. Ooit eens houtproductie en nu overgelaten aan de natuur. Industrieterreinen laten zien dat je de rand van Roermond passeert. Op weg naar het oeroude cultuurlandschap van Boukoul en Swalmen. Middeleeuwse kasteelhoeves (Zuidewijk Spiek en Hillenraedt) laten zien dat dit eens een zeer welvarende streek was. Oude Romeinse wegen van Maastricht naar Xanten en Trier werden tot ver in de Middeleeuwen als handelsroutes gebruikt.

Swalm
Moerasbos Swalm
Voormalig trappistenklooster, Venlo

Grijze steen, oude grensport hertogdom Gelre en Gulik

Na Swalmen wordt het bijna idyllisch. De Swalm laat zien dat de watergoden dolblij zijn met hun herkregen vrijheid. Meanderend door een drijfnat broekbos lijkt het alsof de tijd is blijven stilstaan. Toch worden we hier aan de dag van morgen herinnerd. Op een bankje zit een dame die ons vraagt of wij het Pieterpad volgen. Op haar houten zetel vond zij een zakje met vier paaseitjes en een Paaswens van Donna en Floris. Twee dagen later bleek dat het twee dames waren die met hun honden Donna en Floris een aardigheidje voor mede Peterpatters uitgelegd hadden. Totaal anders maar niet minder mooi wordt het op de Duits-Nederlandse grens. Tegelijkertijd de scheidslijn tussen hoog en middenplateau. Op enkele plaatsen zelfs uitgespoeld tot een tientallen meters diepe kloof. Daarna volgt Tegelen met zijn kleiputten en Venlo.  De eerste vijf etappes Pieterpad nodigen uit om verder te gaan, 107 kilometer gelopen en nog 391 kilometers liggen voor ons.

Pieterpad schoenen



zondag 25 juni 2017

Strijdtoneel der giganten

Blokkenveld als arena van giganten
Overal rotsblokken, gebarsten, vlijmscherp gespleten. In de verte naar de wolken bijtende kantelen, beneden een tafelberg als wachttoren. Eens moet hier een strijd tussen giganten geweest zijn. Elkaar bestokend, geen centimeter grond prijsgevend. Mordor lijkt hier werkelijkheid geworden, het ultieme kwaad van Tolkien.








Kasteelmuren van dolomiet torenen uit boven de vroegere gletsjerkom, weerspiegeld in water van nu

Indrukwekkend, bizar, dat was onze eerste reactie toen we na de Casannapas met gasten van het Zwitserse wandelhotel Gürgaletsch afdaalden naar de zuidelijke route terug naar de Fondei en het rustieke Walser dorpje Strassberg. Wat begon als een ontspannen tochtje over een wat slingerend en rustig stijgend pad werd onverwacht een ontdekkingstocht in een arena uit het verre verleden. Nooit eerder waren wij hier geweest. Een enkele voetstap bewees dat we niet de eerste mensen waren maar voor ons gevoel stapten we in een andere wereld.

Een sneeuwveld als karige herinnering aan ijzige tijden
Een tafelberg als wachttoren

Onze beleving werd nog versterkt doordat dit gebied direct tegen de grootste waterscheiding van Europa ligt. Als muren oprijzende ongenaakbare bergen sluiten het gebied af naar het oosten  waar elke druppel regenwater door de Inn en de Donau opgeslokt wordt. Naar het zuiden torens van keihard dolomiet, verweerd tot spitse punten. Alleen naar het westen opent het dal zich, rijkelijk water gevend aan de Zwitserse Plessur en de Rijn.

Puin en steen blokkeren waterstromen

Stenen en water, een bizar mooie compositie


Scheef gezakt, verweerd, gegroefd. Een tafelberg rotsblok als wachttoren

De strijd der giganten gaat nog steeds door. De grootste klap werd uitgedeeld toen de gletsjer van de Schafturm begon te smelten. Honderden tonnen dolomiet kwamen na een duizendjarige gevangenschap vrij uit een ijzige houdgreep. Eens door weer en wind van de bergtoppen afgebroken en op de gletsjer terecht gekomen en nooit meer los gelaten. Maar toen 10.000 jaar geleden de laatste ijstijd door de zomerzon verslagen werd begon de grote steniging. Dagenlang, misschien wel jarenlang moet het een angstaanjagend geraas geweest zijn. Steeds meer blokken werden door de machteloze gletsjer naar de vallei gesmeten. Blokkeerden daar de Fondei Bach, moerassen werden gevormd en een bizar landschap ontstond.

Maar het is nog niet afgelopen. Erosie hakt in op dolomiet, vorstscheuren verdiepen zich en elk jaar rollen nieuwe brokken steen naar het dal. Onweerstaanbaar gaat ook het oprukken van het Afrikaanse continent door. Gigantische druk perst de oostelijke Alpen over het midden en westen van Zwitserland. Steeds hoger, steeds steiler, totdat toppen het begeven en als puinwaaiers naar beneden storten.

Alpenzoetklaver 

Oranje streepzaad

Gestippelde gentiaan

Toch is het geen maanlandschap. Een zomerse deken van bloeiende alpenzoetklaver verzacht elk brok steen tot een lieflijk kussentje. Oranje streepzaad, gestippelde gentianen en behaarde klokjes lijken zich niets aan te trekken van het stenig geweld en bloeien rustig door. Waterpiepers zingen er hun lied en alpenmarmotten graven er hun hol. De arena van de giganten is een wandelparadijs geworden.

(deze wandeling was onderdeel van de themaweken Alpennatuur en zal nu geregeld aangeboden gaan worden door wandelhotel Gürgaletsch (Tschiertschen, Zwitserland), ook eens beleven? Boek dan vandaag nog op deze website). In de komende maanden nog volop ruimte, zeker ook voor de vierde Alpennatuurweek).
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...