Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Posts uit juni, 2020 weergeven

Boze eikenprocessierups

Pas op: boze eikenprocessierupsen Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 296 Beesten en verkeersborden, kennelijk een uitdagend thema voor vormgevers. Van overstekende nijlpaarden tot onvoorzichtige helmcasuarissen, al reizend over de aardbol kom je er nog al wat tegen. Zelfs in ons gereguleerde landje kunnen we er wat van. Hoppende padden en springende zwijntjes zijn er in alle maten. Maar een boze eikenprocessierups was ik nog niet tegengekomen. De mondhoeken naar beneden getrokken, een diepe frons in het voorhoofd en een stukje mals eikenblad in een pootje geklemd. Dat het arme beest geen enkele gelijkenis heeft met de werkelijkheid doet er niet toe. Een jong insect met zeven paar poten is geen vlinderrups maar een larf van een bladwesp. Het gaat echter om de boodschap. De verwijzing naar het RIVM moet dat duidelijk maken. Blijf op minstens 1,5 meter en vermijd contact. Want anders gebeurt er wat. Grof geschut wordt dan ingezet. Vergiftigde pijlen heeft de rups alvast klaar ge

Knappe exoot

Grote kroosvaren Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 295 Volgende week mag ik voor HOVO Utrecht een korte cursus over exoten verzorgen. Beestjes en plantjes die met onze hulp in Nederland terecht gekomen zijn en in dit voor hun vreemde oord vaste voet aan de grond gekregen hebben. Soms waren het verstekelingen, soms zijn het overblijfselen van onze verzamelwoede. Vooral aquarium en vijverliefhebbers hebben nogal eens wat over de schutting gekieperd. Van waterpest tot goudvis, als het  teveel werd ging het de sloot in. Eén van de meest bijzondere plantjes die het ondanks vroegere strenge winters in ons klimaat gered heeft is de grote kroosvaren. Afkomstig uit Noord-Amerika is het wel wat temperatuurschommelingen gewend maar het beschikt ook over een onzichtbare bondgenoot. Een cyanobacterie, in de volksmond bekend als blauwwier, die in het drijvende varentje zelfs een eigen appartement heeft. Maar ook dit is niet zonder eigen belang. Anabaena azollae, zoals de gast heet, kan ga

Overleden bosspitsmuis

Bosspitsmuis Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 294 Zwervend over Ne'erlands wandelpaden ontvouwt de wereld zich van wolk tot zandkorrel. Terwijl de koekoek's roep verstomt is zingt de zanglijster nog zijn hoogste lied. Bruine zandoogjes dartelen rond de kattenstaarten. En, heel stil, ligt daar dan een bosspitsmuis. Enkele dagen geleden nog een dartele insecteneter en nu in de dood verstard. Gewoon op het pad richting Bergharen, half verscholen tussen het gras wat als een lijkwade over hem of haar neder buigt. Wat er gebeurd is? Van schrik overleden? Verhongerd? Of gegrepen door een predator die nog niet wist dat insecteneters niet te pruimen zijn. Alleen kerkuilen weten er raad mee. Hap, slik weg. Ondanks hun naam zijn bosspitsmuizen totaal niet verwant aan knaagdieren. Hun positie in het dierenrijk zit dicht bij de egels en hun gebit is oeroud. Morganucodon gebruikte een vergelijkbare combinatie van tandjes en kiesjes al om kleine beestjes te vangen en dat was 200 m

Struikrover

Struiksprinkhaan Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 293 Een tuin zou een plek kunnen zijn waar je tot rust komt. Geen impulsen, alleen weldadig fleurig groen. Je onderdompelend in bloemen geuren met als achtergrondkoor het gezoem van bijen. Hoe anders is ons eco tuintje. Er wordt geknaagd en gejaagd, gehopt en gevlucht. Rond het bijenhotel is het een gekkenhuis van af en aan vliegende moeders. Belaagd door wellustige mannen en lastig  gevallen door vervelende broedparasieten. Letterlijk overal "miechelen" de kleine hoppertjes. Net een dag ontsnapt aan hun kikkervisjes bestaan en nu al hondsbrutaal. En de vlinderstruik is meer dan het decor van aan de bar hangende vlinders. Zat er gister al een stuifmeel schrokkende penseelkever in, vandaag was het de plek van een struikrover. Omdat zijn sabel ontbrak was hij te herkennen als heer.  Als alle sabelsprinkhanen houdt hij van snoepen maar zijn lievelingskostje bestaat uit rauwe insecten. Stevig kauwen en alles wat eetbaa

Italiaan in de keuken

Italiaans zandkroeskopje Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 292 Goed waarnemen is zeker binnen de  biologie buitengewoon belangrijk. Niet alleen als het gaat om experimenten of beschrijvingen maar ook om waarnemingen binnen de woning. Bij ons lijkt het soms een echte menagerie: eikenspringspinnen, wapenvliegen en nu ook al muizen. Maar deze week was het weer eens echt raak. Nadat er eerst al eens een Mediterrane reuzenspin was opgedoken, mogelijk afkomstig uit fruit, kwam er deze week een tweede Zuid-Europeaan ons huis binnen. Het Italiaans zandkroeskopje. Een onooglijk klein vlindertje zat zomaar op de afzuigkap. Zeker vergeleken bij de Olios spin een dwergje, minder dan een centimeter en ook nog eens druk fladderend. Pas na enige overredingsdrang met hulp van een verkoelende koelkast kon er een foto gemaakt worden. Wat meteen opviel was de helderwitte pruik en opvallend zwart-witte bandering. Toch was de determinatie niet meteen rond, pas met hulp van specialisten op de Fac

Oeroude waterlelie

Waterlelie Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 291 Vanmiddag zat ik bij de vijver, starend naar een snorzweefvliegje die bijna verdwaalde tussen de massa meeldraden van een prachtige waterlelie bloem. Zonder het te weten was het insect in een tijdmachine gestapt. Met de snelheid van het licht werd hij teruggevoerd naar 110 miljoen jaar geleden. Een moment in de geschiedenis dat waterlelies als eerste van de moderne bloemen ontworpen werd. Terwijl Iguanodon's met hun snavelbekken van hun bladeren knaagden werden hun bloemen steeds groter. Schutbladeren werden wit en vermenigvuldigen zich tot een dichte warreling. De platte stamper werd steeds breder en de meeldraden gingen steeds meer stuifmeel produceren. Te zwaar om door de wind verspreid te worden en veel te veel om te gebruiken voor bestuiving. Waterlelies hadden ontdekt dat kevers veel betere bestuivers waren dan regendruppels of stormen. Alleen kevers denken maar aan een paar dingen en voedsel staat hoog op hun lijstj

Op heterdaad betrapt

Grote snuitkeverdoder met lapsnuittor als prooi Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 290 Het was zo'n dag zoals zomers zouden moeten zijn. Warm, zonnig, zoemende insecten en vooral heerlijk niets doen op onze vrije dag. En terwijl we zo zaten te genieten van onze tuin gebeurde het. Recht voor ons kwam een prachtige wesp aangevlogen. Niet bepaald in een rechte lijn en veel stijg vermogen zat er ook niet in. Worstelend tussen voor haar manshoge tijm stengels leek ze bijna vast te zitten. Dichterbij gekomen bleek dat het niet zomaar een wesp was. Haar last bestond uit een voor haar enorme lapsnuittor. Voor kamerplantenliefhebbers geen onbekende, als larf vreten ze wortels aan. Deze tor zal echter nooit meer nakomelingen krijgen. Een antenne zwaaide nog wat hulpeloos rond maar verder was ze zo verdoofd dat ze totaal willoos zich had laten schikken tot een handzaam pakket. Passend tussen achterste en middelste pootpaar werd ze mee gesleept. Haar lot was levend opgegeten te worde

Rode viltmijt

Rode viltmijt Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 289 Over spinnen heeft iedereen wel een mening. Sommigen vinden ze eng, anderen waanzinnig mooi en doen er alles voor om zoveel mogelijk soorten te zien of op te kweken. Teken zijn ook spinachtigen maar die vallen in de categorie afschuwelijk. Feitelijk zijn het parasitisch levende mijten maar dat roept zeker vragende gezichten op. En dat is toch best bijzonder als je bedenkt dat elke tuin er vol zit met mijten. Sommigen bijna microscopisch klein, anderen halen net de 1 - 1,5 millimeter. Onze iep zit er vol mee. Ondanks hun minieme formaat vallen ze direct op. Rondrennende rode stipjes, meer is het niet. Maar pak eens een camera of goede loep. Pas dan zie je het schitterende vilten jasje. De vier gelede pootjes en de enorme kaken. Deze zijn er niet om prooien te verscheuren maat dienen als grijpers. Op de foto is een stofluis gevangen en met enige fantasie zie je wat er gebeurt. De stofluis kan geen kant op terwijl het laatste

Metselspinnendoder

Metselspinnendoder Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 288 Ik heb u, als lezer van mijn blog, al vaak meegevoerd langs de vele verrassingen in ons ecologisch aangelegde mini tuintje. Ook vandaag was het weer bijzonder. De iep leverde een nieuw wantsje, een nieuwe cicade en een hongerige fluweelmijt die in het vangbakje al begon met het verslinden van een thrips. Maar de leukste vondst van vandaag was een metselspinnendoder. Niet alleen omdat het de 700ste soort was in de  totaallijst maar ook omdat het een zeer bijzonder levend beestje is. Het vrouwtje van deze pikzwarte, ruim een centimeter grote wesp rent als een dolle rond om spinnen te verschalken. Deze gaan als levende prooi naar haar kroost wat nog geboren moet worden. Mocht ze zelfs nog wat behoefte hebben aan extra eiwitten dan bijt ze gewoon een pootje van de spin af en likt het uitlopende lichaamsvocht op. Op zich is dit geen bijzonder bedrag want vele graafwespen doen dit. Wel uniek is het vele werk wat ze daarna ga

Zeevogels Helgoland

Helgoland, Jan van Genten (met o.a. slapend jong). zeekoeten en alk Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 287 Drie dagen Helgoland is een totale onderdompeling in geuren, geluiden en beelden. Van een rood geringde en uiterst zeldzame struikrietzanger tot spectaculaiore zonsondergangen boven lawaaierige en vooral stinkende zeevogel broedplaatsen.  Omdat er elk jaar maar plaats is voor ongeveer vijftien deelnemers is deze derde Helgolandse blog vooral bedoeld om de rijkdom van de kliffen te  delen. Op en bijna in het rode zandsteen zijn jaarlijks steeds meer broedende zeekoeten en Jan van Genten te vinden. Elkaar verdringend om elk bereikbaar richeltje en vlak stukje steen broeden ze meestal maar één en zelden twee eieren uit. Het aantal drieteenmeeuwen blijft vrijwel gelijk maar het vinden van een alk of noordse stormvogel ios elke keer weer een sensatie. Waarom deze twee het minder goed doen blijft gissen. Meest waarschijnlijk is dat een zeer kleine populatie aan de uiterste zui

Blaasjeskrab

Blaasjeskrab Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 286 Düne. Eens een kalksteen klif en nu een zandeiland voor de kust van Helgoland. Bekend om de grijze en gewone zeehonden die je op het strand prachtig kan fotograferen. In de jaarlijkse Natuurpresentaties excursie gaan we echter altijd eerst naar een klein strandje met wat getijdepoeltjes. Een leuke plek waar altijd wel wat leuke bruin- en roodwieren maar ook kwallen aanspoelen.  Vandaag was het echter een klein; rood gevlekt krabje wat de topper werd. Feitelijk helemaal geen leuke waarneming want het beestje is uit verre oorden met ballastwater meegenomen. De Chinese zee was voor 2000 de plek waar je haar kon ontmoeten. Sindsdien werd in korte tijd de Noordzee gekoloniseerd. Het verwante penseelkrabje was al eerder aangekomen. Beide wisten zonder problemen de verdedigingslinie van de strandkrab te doorbreken.  Mogelijk hebben ze net een iets andere niche gevonden. Wat ook kan is dat ze door hun geringe grootte konden schuilen

Helgoland

Een jaar lang natuurpresentaties in woorden  - dag 285 Vandaag met de jaarlijkse Natuurpresentaties excursie naar Helgoland. Niet meet dan een rood rotsblok in een blauwgroene zee. Maar wel de plek waar honderden genten hun thuis vinden. Waar duizenden koeten hun jongen van hoge rotsen richting zee lokken. En de plek waar onze oer-kool prachtig geel bloeit. Om jullie; geachte lezers even mee te nemen naar dit pradijsje een beeld van een paar Jan van Genten. Sommigen nog met eieren; velen met jongen maar altijd kibbelend met de buren. En als de honger zich laat voelen is het slechts twee wieken uitvouwen en weg zweven richting verse vis 

Verrassende penseelkever

Penseelkever in Tilburg Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 284 Brabant noemt zich graag bourgondisch. Genietend van het goede des levens, kleurrijk en soms wat extravagant. Of dat werkelijk zo is moet ik na drie Brabantse jaren nog ontdekken. Maar de natuur is er zeker rijker. Zuidelijke soorten komen soms tot aan de grote rivieren en in mijn tuinlijst staan inmiddels tientallen soorten die ik nooit in het Drentse of Groningse gezien heb. En de omschrijving klopt in ieder geval voor de penseelkever die vandaag onze bloeiende dwerg vlinderstruik bezocht. Wat een knallend gekleurde verrassing! Leken zouden misschien op de loop gaan voor de geel-zwarte wespen tekening maar kom maar gerust dichterbij. Het kevertje trekt zich niets van ons aan en is gewoon druk met stuifmeel eten. Misschien is hij net verpopt na twee jaar als keverlarf zich volgegeten te hebben met rottend hout. Eindelijk bevrijdt uit dit bedompte hok en op de wieken gegaan richting de eerste stuifmeelbron di

Stille wachter

Driedoornige stekelbaars, man op wacht Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 283 Wij hebben nu al bijna twee jaar geleden onze TV vaarwel gezegd nadat we ons beseften dat het ding al ruim zes maanden niet gebruikt was. En dat geeft heel veel tijd voor andere leuke zaken zoals het genieten van spektakel in onze vijver. Enorme aantallen kikkervisjes zijn er voortdurend op zoek naar smakelijke hapjes. Wat begon met algjes knabbelen is nu zuigen aan een verdronken segrijnslak. Maar het mooiste speelt zich af in een klein hoekje. Verborgen onder een paar stenen heeft een driedoornige stekelbaars een prachtige plek voor zijn broed gevonden. Zij is al langer niet meer in beeld, aan hem de taak om het broed te bewaken en te voorzien van zuurstof. En dat gebeurt ijzingwekkend fanatiek. Een minuut wapperen boven de eitjes en dan weer snel naar buiten om uit te kijken naar potentiële indringers. Soms is het een kikkervisje, soms een andere stekelbaars waar zeer geïrriteerd op wordt ge

Kleine mosboorder

Kleine mosboorder Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 282 Gister had ik als thema vreemde creaturen met daarbij het accent op een bizar uiterlijk. Vandaag kies ik het andere uiterste: klein  maar onvergetelijk mooi. De keus is dan bijna eindeloos. Van de prachtige veervormige sprieten van een dansmug tot de bijna kunstzinnig vormgegeven bloem van een gele honingklaver. Uiteindelijk werd het een heel klein vlindertje. Nog geen halve centimeter groot maar uitgedost in een jas die ontworpen had kunnen zijn  door de meest extravagante mode ontwerper. Waarom de kleine mosboorder deze kleurenpracht nodig heeft? Werkelijk geen idee. Ze zijn nachtactief en dus zal het niet gaan om het herkennen van een partner. En deze combinatie van felle kleuren werkt overdag ook niet als camouflage. Voor hongerige vogels zijn ze echter veel te klein. En vlinderetende insecten werken met geur bij het opsporen van hun prooi. De rupsjes van dit miniatuurtje zijn ook al bijzonder. Niet wat betreft

Kevercicade

Kevercicade Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 281 Als je er oog voor hebt zie je de meest vreemde creaturen in je tuintje. Soms zie je ze zelfs helemaal niet maar vind je alleen bizarre knaagsporen. Rondjes gesneden uit rozenbladeren verraadt de aanwezigheid van behangersbijen. Een gat in de muur waar twee zwarte "draadjes" uitsteken is het hol van de muurzesoog, een grote spin die met zijn twee voetjes elke trilling voelt en razendsnel kan toeslaan. Maar de hoofdprijs voor het meest vreemde beestje gaat wat mij betreft naar de kevercicade. Minder dan een centimeter groot en om hier nog een dier in herkennen vergt wel de nodige fantasie.Via de poten kun je de kop vinden. En dan vallen de grote ogen ook op. Kevercicades behoren tot de dezelfde grote groep als de "cigalle" / cicaden die een avond in de Provence zo onvergetelijk lawaaiig kunnen maken. In de tuin leven ze graag van houtige gewassen met een grote voorkeur voor klimop. Zuigen aan knoppen d

Utrechtse muren

Gele helmbloem Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 280 Dwalen door de binnenstad van Utrecht ontkom je niet aan het groen. Stadswal en park Lepelenburg zijn vermaard om hun bomen uit het begin van de vorige eeuw. Maar voor botanici zijn vooral de muren van de Oude en de Nieuwe gracht beroemd. Decennia geleden liep ik er voor het eerst en hoorde er al over een tweehonderd jaar oude vijgenboom. Ontsproten uit een achteloos weggeworpen pitje en uitgegroeid tot een in een muur verankerde boom. Ondanks vele restauraties zijn de meeste kademuren nog redelijk authentiek. En ook nog vrijwel overal in twee verdiepingen aanwezig. Dit laatste heeft alles te maken met de omlegging van de Rijn in 1122. Daardoor zakte het water vier meter en het was toch handig om vanuit schepen een directe verbinding met de handelshuizen te hebben. Al dit metselwerk op muur en "werf" werd uitgevoerd met kalkrijke specie. En dat was weer ideaal voor legio muurplanten. Muurvaren en steenbreekv

Gele hoornpapaver

Gele hoornpapaver Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 279 Afgelopen week was ik weer eens op het werkeiland Neeltje Jans. Eens een platte opgespoten plaat in de Oosterschelde, nu een prachtig duinreservaat waar de meeste mensen alleen komen voor het Deltapark. Direct daarnaast liggen echter prachtige getijdepoeltjes vol met zeeanemonen, zakpijpen en krabben. Maar ook de oever is de moeite waard. Gele hoornpapaver stond er in volle bloei. In mijn herinnering een plant van Bretonse kusten en volgens de flora eigenlijk van nog verder weg. Klimaatverandering brengt de plant echter steeds verder noordelijk. Dijken en steenstort langs de kust zijn ideaal als standplaats maar ook rivieroevers zijn mogelijk. Snel opwarmend en toch nog voldoende ruimte gevend voor het tweejarige bladrozet. Zeekool en zeeraket komen in hetzelfde biotoop voor. Als papaver is het maar een rare. Geen bolvormige zaaddoos maar een gekromde hauw. En de jonge plant heeft net als zijn familielid stinkende

Exotische pokken

Nieuw-Zeelandse zeepok Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 278 Nog enkele weken en dan start in Utrecht een korte cursus " Exotische flora en fauna " in Nederland. Grote vraag is dan uiteraard wat een exoot is en hoelang mag een dier of plant er over doen voordat hij of zij volledig ingeburgerd is. Niemand ziet kalmoes aan voor een exoot want al honderden jaren is het een geurig sieraad voor venige sloten. Maar met Nieuw Zeelandse zeepokken is dat toch een ander verhaal. Deze grappige kreeftjes leven in zelfgebouwde doosjes van kalk op schelpen en blokken steen tussen hoog- en laagwaterlijn. Zodra het water hoog genoeg staat gaan de klepjes open en wapperen klein vangarmpjes water met hopelijk wat voedseldeeltjes richting mondopening. In `1946 werd de eerste waarneming genoteerd op het strand bij Wassenaar. Daarna ging het hard. In de Delta en rond het Wad is onze inheemse zeepok door ruimte concurrentie vrijwel geheel verdwenen. Het beestje had de lange reis na

Koekoekshommel

Grote koekoekshommel Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 277 "Koekoek, koekoek". Wie wordt er niet blij van als de koekoek weer in ons land is? Wij zeker want dan is het echt voorjaar. Maar voor graspieper en kleine karekiet is het alleen maar slecht nieuws. Hun broedseizoen kan zomaar wreed verstoord worden door een koekoeksjong. Maar niet alle koekoeken zijn trekvogels, er zijn ook stiekeme gasten die permanent bij ons verblijven. Geen vogels maar insecten. Koekoekshommels overwinteren net als andere hommels. Een bevruchte koningin gaat in winterrust en laat in het voorjaar komt ze boven de grond. Voor haar is dat de beste tijd, haar toekomstige gastvrouw heeft dan een nest gesticht. Wie dat zal zijn hangt af van de soort. Van de zeven Nederlandse soorten is niet iedereen even kieskeurig maar wel belangrijk is dat ze lijken op de bewoners van het nest die ze willen gaan overvallen. De grote koekoekshommel heeft wel wat van een aardhommels. De kleuren verschill

Motmug

Motmugje - Pericomaini sp. Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 276 Natuur kan best verwarrend zijn. Je denkt een bij te zien en het is een vlieg. Dat is uiteraard gewoon een kwestie van foppen. Wees gelijkend aan vreselijk steekbeest en je wordt met rust gelaten. Maar onze taal maakt het niet makkelijker.  Vlinders die door het leven gaan met de naam rups zoals de wilgenhoputrups. Of wat te denken van een wespvlinder. Geen wesp ,maar een echte vlinder. Motmugjes zijn ook een goed voorbeeld. Ze hebben niets met motten te maken. Ze lijken er niets eens op en vliegen ook niet 's nachts zoals de meeste motten. Het zijn "Diptera", tweevleugeligen en binnen deze grote groep familie van de muggen. Geen stekers maar wel met draadvormige sprieten en niet een echte vliegenantenne bestaande uit een een verdikte basis met een haar er op. Ze zijn altijd klein, meestal slechts drie millimeter, en houden de harige vleugels vaak schuin naar buiten. Als made maar ook als vol

Harige rupsen

Rups basterdsatijnvlinder Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 275 Sinds de eikenprocessierups in Nederland binnen gefladderd is zijn we met z'n allen bijna panisch geworden van harige rupsen. Was een grote beer vroeger nog een juweel van wegbermen en natte slootkanten of een veelvraat een aanwinst op elke heide excursie in augustus; tegenwoordig is het reden voor dolle paniek. Bijna zouden we 112 bellen, de boswachter vragen om in beschermende kleding en gewapend met gifspuit direct te komen en, niet te vergeten, de Telegraaf informeren. En dat terwijl deze prachtige beestjes rustig zitten te eten en alleen een bontjas gebruiken om een koolmees op andere gedachten te brengen. Alleen de koekoek laat zich niet foppen. Deze lust graag een groot beertje en een donsvlinder versmaadt hij ook niet. Vandaag kwam ik tientallen rupsen tegen van de basterdsatijnvlinder. Knabbelend aan allerlei struikjes op het vroegere werkeiland Neeltje Jans in de Oosterschelde. Mijn bonuszoon

Kwartet microvlinders

LB: gewone grasmot, RB vierkantoogbladroller; LO: distelknoopvlekje, RO: kommawortelmot Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 274 Juni is een uitstekende maand om eens een kwartetje micro nachtvlinders bij elkaar te zoeken. Het meest gemakkelijke is een bloemrijke berm met vooral veel verscheidenheid. Wat brandnetels erbij? Geen probleem. En distels? Dat betekent een grote kans op de distelknoopvlekje. Veel soorten in bermen zijn echter geen specialisten. De kommawortelmot bijvoorbeeld. Wel een bladroller maar een soort die in de wortels van diverse kruiden leeft maar geen bladeren oprolt. Meestal gaan ze voor margriet of duizendblad maar ook op boerenwormkruid zijn ze gevonden. Op grassen leven de rupsen van de gewone grasmot. maar ook voor hun maakt het weinig uit of er witbol of beemdgras groeit.  En dan zijn er nog de dwaalgasten zoals de vierkantoogbladroller. Zijn rupsen leven op els of ruwe berk. Voor de volwassen vlinders leveren bloeiende bermen een paar druppels n

Wolf

Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 273 Wolven en eikenprocessierupsen strijden om de eerste plaats als het gaat om aandacht van sensatie journalisten. Als je hun teksten moet geloven lijdt Nederland massaal onder Roodkapje terreur en dat terwijl alle Nederlanders geen leven meer hebben door ondraaglijke jeuk. En in hun haast om Nederland veilig te maken schieten we elk roofdier maar af en vermoorden we tegelijkertijd alle insecten plat spuiten. Dat er meer schapen dood gebeten worden door honden is niet van belang. En dat koolmezen uitsterven omdat er geen voedsel is voor hun jongen...een kniesoor die daarover begint. Leren leven met wilde natuur is verdwenen uit onze genen. Eikenprocessierupsen zitten tegenwoordig overal (zolang hun natuurlijke vijanden ze niet opgegeten hebben) maar wolven laten zich moeilijk zien. Ga daarom eens naar Ouwehands Dierenpark. Een kleine roedel wolven woont daar in het grote berenbos. Voortdurend bezig met elkaar, hun territorium of voedse

Zeedahlia

Zeedahlia Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 272 In het bijna uiterste noordoosten van ons land staat het Muzee aquarium Delfzijl. Een paar moderne zalen met streekhistorie en een munitiebunker vol met aquaria. Prachtige bakken die een bescheiden overzicht geven van het zeeleven in Wad en Noordzee. Grote haaien en bruinvissen ontbreken maar drie soorten roggen; grote zeebaarzen en harders zijn ook imposant. In wat kleinere bakjes worden botervisjes en puitalen getoond. Maar mijn belangstelling ging vandaag naar de vele holtedieren. Geen zwevende kwallen maar vastgehechte zeeanemonen. Tientallen slibanemonen; een enkele paardenanemoon en de zeedahlia. Rustig zwaaiend met hun tentakels met de mondopening opengesperd. Voor de kleintjes hoeft het niet zo volumineus te zijn. Maar de zeedahlia vraagt andere kost. Jonge haring of een klein platvisje bijvoorbeeld. En met een stevige steurgarnaal doen ze het ook graag. Wel zal alles uit eigen beweging naar hun netelige vangarmen

Groene regen

Groene eikenbladroller Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 271 Vanavond zijn wij te gast van het natuurfenomeen Joop Verburg in Zuidwolde. Groot kenner van vlinders; paddenstoelen; planten en nog veel meer. Beter gezegd al wat groeit en bloeit en ons altijd weer boeit zoals de bekende radio bioloog dr. Fop I. Brouwer zo treffend wist te zeggen. Op de website van de Natuurvereniging Zuidwolde heeft hij onder het kopje nieuws alle groene nachtvlinders van dit moment bij elkaar gebracht. Voor velen zullen de meesten onbekende namen zijn: rode dennenspanner in groene uitvoering; geblokte zomervlinder, appeltak en nog veel meer. Onzichtbaar want alleen 's nachts actief. Maar de groene eikenbladroller staat er ook bij en die was vandaag massaal aanwezig. Tijdens en na de regen werden er honderden uit de bladeren gejaagd door het gedruppel. Velen belanden op de grond. Zwaar van het water en niet in staat op te vliegen. Het zijn als rupsen enorme vreters. Samen met voorjaarsu

Wielewaal

Wielwaal ( foto Wikipedia) Een jaar natuurpresenties in woorden - dag 270 Lang geleden zongen wij in de hooiberg; gezeten in een kring om een langharige jongeling; het lied van de wielewaal. Andries Hartsuiker dichtte lang geleden "Hij woont in 't dichte eikenbos,  gekleed in gouden vederdos........dudeljo klinkt zijn lied, dudeljo en anders niet" . Of Andries een echte vogelaar was vertelt de historie niet. Wielewalen zitten ook nu nog graag in dicht bos maar alleen eikenbos..dat zeker niet. Oude en hoge populieren vinden  ze ook uitstekend. Maar vandaag waren het de Hartsuikerse eikenbomen op het Hijkerveld. Zeker drie heren zongen er in canon. Af en toe even vliegend; prachtig geel showend voor ons. Maar ook de damea krasten er op los. Niet in geel maar in olijfgroen gehuld. Ook zij hielden het bij de boomkruinen. Voor deze trekvogel ern uitstelende strategie. Veilig en elke eik zit letterlijk bomvol rupsen en kevers. Voedsel in overvloed hebben ze nodig om in record t

Hazelworm

  Hazelworm ( foto Wikipedia) 365 dagen natuurpresentaties in woorden - dag 269 Dagen achter elkaar zwerven langs Drentse paden is het bijna onvermijdelijk dat je reptielen ontmoet. Soms is het een razendsnel wegschietend levendbarend hagedisje. Weinig spectaculair zwart gekleurd met wat lijntjes als enige versiering. Vandaag had ik een jonge mannetjes adder bijna onder mijn schoen. Even verkeerd lopen betekende voetstappen op een weinig belopen pad. Prachtig getekend en opgerold lag hij te slapen totdat mijn maat 45 aan kwam stampen. En toen was hij zo snel weg dat er geen foto gemaakt kon worden. Ook gister lukte dat niet. Op een zandpad bij Gasteren lag een prachtig glimmende hazelworm dood te zijn. Tenminste dat was wat wij moesten denken. En dus werd het beestje liefdevol opgenomen en in de berm gelegd. Daar bleek al snel dat meneer of mevrouw nog meer kunstjes kende. Bek sperren bijvoorbeeld. Zeer ontzagwekkend uiteraard. Het stinkkunstje bleef nog achterwege. Even wat derrie naa

Botanische juwelen Drentsche Aa

Waterkruiskruid Een jaar lang natuurpresentaties in woorden - dag 268 Eens; lang geleden; wat er een aankomend bioloog die rond de Drentsche Aa vegetaties bestudeerde. Breedbladige orchis was nog zeldzaam maar witte rapunzel nog niet uitgestorven. Hij keek naar relaties tussen grondwater en planten en ontdekte hoeveel ijzer en giftig mangaan een paar soorten in kwelwaterslootjes konden verdragen. Grote boterbloem was toen al een raadsel. Een redelijk algemene laagveen moerasplant maar toen ook op enkele kwelplekken voorkomend. Moeraszegge en holpijp waren veel duidelijker; vooral op ijzerrijke kwel en soms elders voorkomend. Kleine watereppe bleek de ubiquist. Overal  voorkomend; hoeveel giftig ijzer er met diep grondwater ook naar boven kwam. En dan het grote raadsel: waterkruiskruid. Alleen middenstrooms voorkomend en niet met de voeten in kwelwater. Maar ondertussen wel tolerant tegen hogere ijzergehaltes en op wat zwaardere beekafzettingsgrond voorkomend. Veertig jaar later staat w

Varensloper

Brede stekelvaren met gal van bloemvlieg Chirosia betuleti Een jaar natuurpresentaties in woorden - dag 267 Het is toch wat in die barre natuur. Heb je net met veel moeite onze Hollandse winter overleeft als wortelstok; eindelijk nieuwe bladeren gevormd; dan slaat de droogte toe. Als brede stekelvaren ben je wel wat gewend. Stoffig dekzand belegd met eiken- berkenblad is je favoriete groeiplaats. Maar helemaal zonder vocht gaat het ook niet en dus kost het best wat moeite om je prachtige blad te laten ontrollen.  En dan komt er een zo onschuldig lijkend vliegje langs gevlogen. Landt heel rustig op het verse bladtopje; loopt wat heen en weer; bijt of zuigt niet maar laat wel een langgerekt ei achter. Het larfje van deze gewone bloemvlieg is echter wat minder vriendelijk. Hij bijt zich vast in de hoofdnerf en begint te knagen. De varen reageert direct maar is te laat. De groeitop van de bladveer is definitief kapot. Er ontstaat een dikke prop met wat kleine bladslipjes. De plant gaat nie