dinsdag 12 november 2019

Zestienstippelige schimmelvreter

Zestienstippelig lieveheersbeestje
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 66

Terwijl ik met een verzadigd  gevoel naar de afwas stond te staren klonk er wat gemurmel uit de kamer. De natuurbeleefster in ons kleine huishouden stond met haar neus bijna op de muur gedrukt. Wijzend naar een bewegend stipje van slechts drie millimeter. Een vangpotje gebruiken was een optie want die staan bij ons altijd voor het grijpen. Nog beter is om het wezentje niet te verstoren maar voorzichtig te besluipen met een enorme camera. Een korte flits en wat bleek? Het was een miniatuur lieveheersbeestje. Met stippen.nl werd eerst gekeken bij "vloeivlek" maar dat klopte niet helemaal. Waarneming.nl bracht uitkomst: het was een zestienstippelig lieveheersbeestje! Nieuw voor onze inventarisatie lijst en ook nog eens een bijzondere. Geen luizenvanger maar bij voorkeur een schimmelvreter. Heerlijke uitlopers van meeldauw staan op het menu. Als bijgerecht een beetje stuifmeel afgemaakt met een scheutje nectar voor de broodnodige suikers. En in de winter als alles op een laag pitje gaat? Dan natuurlijk lekker overwinteren in ons huis "onder de regenboog".

maandag 11 november 2019

Schimmelige rimpels

Witte kluifzwam
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 65

Genietend van de Brabantse Leemputten kwamen we gister één van de merkwaardigste zwammen van ons land tegen. Geen hoed met een steel, geen elfige bank maar een kampioen in schimmelige rimpels. De echte natuurbeleefster in ons kleine gezelschap van twee moest zelfs overtuigd worden dat het een echte zwam was. Een Fransman had er misschien wat minder moeite mee gehad. Die is gewend aan eetbare morieljes met een hersenachtig gerimpelde en geplooide bol op zijn steel. Deze kluif rimpelt alles, van steel tot vreemd hoedachtig uitstulpende bovenkant. Doel van al dat geplooi is uiteraard niet uiterlijke schoonheid. Het draait om sporenproductie. Met een zo groot mogelijk oppervlak kan een maximale hoeveelheid sporen de wijde wereld in gestuurd worden. Voor het voortbestaan van de zwam fantastisch maar ook de erboven groeiende eiken keuren het glimlachend goed. Zij leven samen met de witte kluifzwam en krijgen spontaan een dagelijkse portie mineralen en bouwstenen voor eiwitten. Dit alles in ruil voor slechts enkele hapjes zelf gemaakt suiker uit de boomkruin.Dat de eik dit kan met vele soorten zwammen deert de witte kluif niet. Voor elke soort is er wel een plaatsje en voor ons is het genieten van een bont boeket gezwam.

zondag 10 november 2019

Industriële natuurparel

Leemputten, Biezen-Mortel
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 64

Brabant is meer dan verdroogd, verzuurd varkensland. Voor een Noorderling ongekend mooie natuurpareltjes liggen er  met Bourgondische gulheid over uit gestrooid. Vandaag hebben we onze eerste voetstappen gezet rond de Leemputten tussen Biezen-Mortel en Landgoed Assisië. Spiegelend water op de plek waar eens ruggen braken met het uitspitten van drijfnatte leem. Tienduizenden stenen zijn van hier getransporteerd naar elke windhoek. Ruim 11.000 jaar geleden raasden hier ijzige noordwester stormen over een kale toendra. Vanaf de drooggevallen Noordzeebodem werd zand meegevoerd. De allerkleinste deeltjes werden afgezet als löss en leem, de zwaardere delen vormden metersdikke dekzandpaketten. De Brabantse löss lag eens van Eindhoven tot Udenhout. Overal lage plekken opvullend en vanaf de Middeleeuwen bouwmateriaal biedend. Het Brabants Landschap heeft de laatste leemputten weten te redden van de nivellerende ontginning. Volg eens de oranje route en geniet van de stilte, rustende eenden, een overzwemmende ree en al het andere wat er te beleven valt.

zaterdag 9 november 2019

Niet-vegetarische truffel

Gallen van aardappelgalwesp op eikenwortels (Loenen, foto Rinus Baggerman)
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 63

Vandaag kreeg ik via Facebook een prachtige vraag. Er waren vreemde "truffels" gevonden door Rinus Baggerman. Onder een Loenense eik vond hij zeven  knolletjes in een door zwijnen omgewoeld stuk grond. Bruin, kogelrond met in het hart een wit bolletje. Kenners waren er al snel over eens dat het geen paddenstoelen waren en dan blijft er maar één optie over: gallen. Op Nederlandse eiken komen maar twee wortelgallen voor. De grote gallen van de truffelgalwesp (tot 80 mm) en de kleine aardappelgal (5 - 10 mm) . Na maanden groeien kruipen daar in december wespjes uit. Zonder bevruchting kunnen zij eitjes op bladknoppen afzetten. In mei komen deze uit en start de vorming van nieuwe tak- of bladgallen. Medio juli wordt het tijd voor de dames en heren aardappelgalwespen om uit te vliegen en na enige opwinding begint vervolgens de cyclus opnieuw met het afzetten van eitjes op eikenwortels. Wat een prachtige vondst van Rinus!

vrijdag 8 november 2019

Slijmerig sieraad

Boerenknoopje
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 62

Als echte boswandelaars komen wij wel eens losse stukken schors tegen. Achtergelaten door stoere houthakkers, geschild van bomen waar vooral geen boktor in mag komen. Na eerst even er onder gekeken te hebben of er misschien een salamander of pad schuilt wil het nog wel eens gebeuren dat het stuk heel toevallig bij ons in de tuin belandt. Binnen de kortst mogelijke tijd wordt deze meegebrachte gave in dank aanvaardt. Miljoenpoten en pissenbedden claimen het als hun nieuwe huis. Eventuele onderhuurders zijn echter altijd welkom. En zo kwam ik dit slijmerige sieraad tegen. Ogenschijnlijk glad maar zodra het diertje zijn kopje buiten het schelpje steekt blijkt het een miniatuur slakje te zijn. Boerenknoopjes komen overal voor en een ecologische tuin, waar wat rottend blad blijft liggen, is ideaal voor hun. Om te genieten van hun mooie tekening is het echter wel goed kijken. Groter dan een halve centimeter worden ze niet.  Wij zijn blij met deze aanwinst.

donderdag 7 november 2019

Wat een snakker!

"Er kan nog meer bij!" Zwarte doodgraver met een legioen liftende mijten
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 61

Verloochen nooit je afkomst werd mij vroeger voor gehouden. En dus mag ik vandaag een verhaal schrijven over een enorme snakker. Voor niet-Drenten: snakken betekent snoeven, opscheppen en alles net nog iets beter willen doen. Meestal kom je ze ergens tegen op straat maar deze viel geluidloos in de digitale brievenbus. Kunstschilder Wilma van der Vliet kwam een beest tegen die duidelijk op weg was naar de eretitel voor allergrootste dienstbaarheid. Een zwarte aaskever die totaal bedolven is onder meeliftende mijten. Je voelt het gewicht op zijn zes pootjes drukken, je hoort bijna zijn pantser kraken. Eigenlijk veel te veel maar op je "borststuk" slaan en roepen: "zie mij eens" voelt toch wel heel fijn. Hoever hij al gestrompeld had vertelt het verhaal niet. Wilma zag hem weglopen van een spitsmuis kadaver. Daar zal hij verrast zijn met een enorme rij mijten die dolgraag op wilden naar een nieuw slachtoffer. En wat is er dan gemakkelijker om je lekker op de rug te hijsen van een passerende zwarte dragonder.

woensdag 6 november 2019

Welkom plooivlieswaaiertje

Plooivlieswaaiertje, Tilburg
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 60

Mijn eerste serieuze paddenstoelenexcursie zal ergens begin jaren zeventig geweest zijn. Als lid van de Chr. Jeugdbond voor Natuurstudie was het traditie om elke herfst een aantal bijzondere gebieden te bezoeken. Lange lijsten van gevonden zwammen werden vol geschreven. Van aardster tot zwavelkop, van berkenzwam tot collybia. Meer dan veertig jaar later is er een opvallend paddenstoeltje die er toen nog niet was maar nu op de zandgronden overal gevonden kan worden. Het plooivlieswaaiertje landde in 1989 in ons land. Waar deze plaatjeszwam vandaan kwam? Geen idee, overal op het noordelijk halfrond was het als primaire afbreker actief op afgevallen beuken- en hazelaartakken. En heel vreemd, in Nederland heeft het plooivlieswaaiertje een voorkeur gekregen voor berk en lijsterbes, twee niet verwante boomsoorten. Geruisloos heeft deze vreemdeling zo een eigen plaatsje gevonden. Geen Hollanders er uit gedrukt maar zich naadloos gevoegd in onze schimmelige wereld.



dinsdag 5 november 2019

Blije Amerikaan

Harig knopkruid
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 59

Van de huidige Amerikaanse president kunnen maar weinigen echt blij worden. Opgeblazen, brallend en een roeptoeter die zich zelf bijzonder groots vindt. Hoe anders zijn de blije Amerikanen bij ons in de straat. Bescheiden, klein en zelfs bij het grauwste weer nog steeds stralend aanwezig. Harig knopkruid kwam ergens in de 19e eeuw als verstekeling uit Midden- en Zuid-Amerika in Europa terecht. Meer dan 125 jaar later is het plantje wereldwijd te vinden. En toch is het plantje altijd bescheiden gebleven. Gewoon tussen trottoir en klinker gekiemd, in een maand uitgegroeid en nu volop bloeiend. De bloemetjes zijn nauwelijks groter dan een halve centimeter en vallen alleen maar op door het mooie contrast tussen de witte lintbloempjes en de gele buisbloemen. Over een paar dagen zal er zaad gevormd worden en dan is het afscheid nemen. De knopkruidjes sterven maar weten dat hun nakomelingen volgende weer als blije Amerikanen de late herfst zullen opvrolijken.

maandag 4 november 2019

Mislukte vouwkunstenaar

Beukenvouwmot
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 58

Iedereen kent origami als Japanse vouwkunst. Van wegvliegende kraanvogel tot ontluikende kersenbloesem. Alles lijkt mogelijk van een simpel stuk papier. Vaak wordt inspiratie in de natuur gevonden terwijl juist daar vouwkunst niet veel meer is dan wat gefröbel in de marge. Teruglopend vanaf het station kwam ik weer zo'n mislukte vouwkunstenaar tegen. In een beukenhaag hing een verlaten woning van de beukenvouwmot. Het rupsje of een pop zat er niet meer in en anti-kraak was niet nodig want het blad valt toch over enkele weken af. Maar mislukt....eigenlijk doe ik daarmee dit mini vlindertje tekort. Het heeft niets meer gedaan dan lekker eten van het beukenbladmoes. Toen alles op was is het de onderkant van het blad die zelf een enkele rechte vouw gemaakt heeft. Feitelijk een dood velletje wat een beetje gekrompen is. In ons land komen tientallen van deze vouwmotten voor. Soms enkele soorten tegelijk op één boom maar vaak als enige van zijn familie. Kijk er eens naar, in dit seizoen zijn ze overal te vinden.

zondag 3 november 2019

Zingende gaasvlieg

Goudoogje - Chrysoperla carnea s.l.
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 57

Begin november. Het wordt steeds rustiger in de tuin maar er zijn nog steeds leuke insecten te zien. Gaasvliegen bijvoorbeeld. Een enkeling is 's nachts buiten bij een tuinlamp te vinden maar de meesten zitten inmiddels binnen. Terwijl de zomergeneratie heldergroen gekleurd is zijn deze overwinteraars gevlekt of zelfs lichtbruin. Grote vraag blijft altijd hoe deze beestjes te benoemen. Wat blijkt? De meest algemene gaasvlieg in Nederland is het goudoogje. Dit is echter een complex van zeer nauw verwante soorten die ondanks een vrijwel identiek uiterlijk genetisch totaal geïsoleerd zijn. Niet omdat ze net wat anders gebouwd zijn maar omdat ze anders "zingen". Charles Henry (Colorado State University) heeft ontdekt dat mannetjes en vrouwtjes elkaar herkennen doordat ze met hun achterlijf exact dezelfde trillingen kunnen maken. Maar om de trilling waar te kunnen nemen gebruiken ze geen flaporen maar een tak of blad. Via de poten wordt de trilling aan het substraat doorgegeven en dan maar hopen dat een potentiële partner in de buurt is. De natuur blijft verrassend intrigerend. (meer info: lacewing songs)

zaterdag 2 november 2019

Bloemetjes en bijtjes

Veldsalie, stijl en tweespletige stempel klaar om hommels te begroeten
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 56

Eens, lang geleden leerde ik over de bloemetjes en de bijtjes. Het was de tijd van de vrije geesten maar dat had het onderwijs nog niet echt bereikt. In meer letterlijke zin kwam ik jaren later een bioloog tegen die het eens wilde gaan uitzoeken. Passend bij ander onderzoek aan de Groningse universiteit koos hij voor hommels en ging aan de slag met de meest vernuftige, zelf gebouwde apparatuur. Klaas Brandjes rekende het gewicht uit wat bijvoorbeeld een akkerhommel zou moeten hebben om de stijl van een saliebloem naar beneden te brengen. Alleen dan kan deze prachtige plant het meegebrachte stuifmeel van de rug van een hommel vegen. Daarvoor moet de hommel op de onderlip van de bloem landen en zoveel druk uitoefenen dat de hefboom in werking treedt. Voor de hommel is dit trouwens totaal niet interessant. Zij komt voor nectar die diep in de bloem aangeboden wordt. Klaas wist hier zo geweldig mooi over te vertellen dat ik decennia later bij elke saliebloem aan zijn onderzoek herinnerd wordt.

vrijdag 1 november 2019

Snor op bezoek

Snorzweefvlieg, man
Natuurpresentatie in 150 woorden - dag 55

Als jonge man was ik  trots op mijn magere snorretje. Bij elke snorrenwedstrijd zou ik echter direct uitgeschakeld worden. Krullen draaien was onmogelijk en een druipsnor was het ook al niet. De heer die vandaag onze herfstpompoenen bezocht heeft er echter geen weet van dat hij altijd met een snor rondvliegt. Niet alleen in zijn naam maar ook op de slanke rug geschilderd. Dat het een heer is zie je aan zijn enorme ogen die elkaar boven op de kop raken. Vrouwen moeten het doen met een veel bescheidener kijkapparaat.
Deze snorzweefvlieg is op zoek naar laatste bloemen. Steeds als hij geel ziet moet ze even proeven met zijn gevoelige stampertje. Een pompoen zal echter geen nectar geven. De suikers die er in zitten kan hij niet opnemen omdat daarvoor iets onmogelijks gedaan zou moeten worden. Bijten en kauwen komen in zijn bescheiden woordenschat niet voor. Maar gelukkig voor hem is er nog voldoende bloei in ons stadsparadijsje.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...