Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Posts uit 2016 weergeven

Vreemde snuiters

Vreemde snuiters heb je overal. Soms gehuld in stemmig grijs of zwart maar uitbundig kleurrijk kan ook. Altijd op een vegetarisch dieet wat echter niet altijd even gemakkelijk bereikbaar is. Daar hebben ze echter wat op gevonden: een enorme boor die ze niet in hun broekzak maar bovenop hun hoofd meedragen. Dat deze snuitkever er altijd wat hilarisch uitzien deert hun niet, functioneel is het wel. Tijdens een cursusavond voor Groei & Bloei afdeling Veenendaal kwam tijdens het spreekuur van de "plantendokter" een exotische snuiter op tafel. Een potje vol, krap 3 millimeter grootte, Stokroossnuitkevers, net uitgekomen uit hun poppenwieg in de zaden van deze plant. Allen voorzien van een grije beharing en oranjerode pootjes. Even wat beter kijkend viel het op dat er zowel kortsnuiters als langssnuiters tussen zitten. De heren kunnen toe met een kort boortje omdat zij vooral van sap leven. Dames moeten echter ook eieren afzetten en dat gebeurt alleen in de zich ontwi

Het nieuwe vogels kijken

 (Tweehonderd en meer zeldzame vogelsoorten in de Lage Landen, Kester Freriks, Uitgeverij Athenaeum   2016). Half oktober, een kille zeewind steekt zijn vingers uit naar de duintoppen van Texel. Vreemde gestalten drommen samen op een tochtige polderweg. Ze lijken vergroeid met lange telescopen, kijkers en cameralenzen. Een halve bol van electromagnetische straling hangt er boven. Dit zijn de nieuwe vogelaars. Smullend van een woestijntapuit maar met de oren gespitst op een volgend piepje van hun mobiele telefoon. De bergheggemus wordt verwacht! Honderden nieuwe vogelaars genieten van de bergheggemus. Foto: Laurens Steijn Bergheggemus, Maasvlakte, 21 oktober 2016. Foto: Marten Miske Met “Het nieuwe vogels kijken” geeft Kester Freriks een vervolg aan zijn bijna epische klus om alle Hollandse vogelsoorten in beeld en tekst te vangen. In 2009 werd het fundament gelegd met “Vogels kijken, alle driehonderd Nederlandse vogelsoorten”. Zeven jaar later volgen nu 215 soort

Help! Moordenaars in het bos!!!

In gedachten verzonken loopt een man door het bos. Voor zijn borst een kijker, beide handen diep in de  zakken. Zijn ogen dwalen gewoonte getrouw van links naar rechts, speurend naar iets maar zonder wat te zien. Plots schrikt hij op, stokstijf verstard, zijn spaarzame haren bijna rechtop, zijn oren verdoofd door een ijselijke kreet: MOORDENAAR!!!!!! Hij kijkt om en ziet een bijna met elkaar versmolten stel aan komen wandelen. Volledig in elkaar opgaand lijken ze doof en blind voor hun omgeving. Niets hebben ze gehoord, geen laatste snik, geen gereutel, geen kreet om hulp. Langzaam dringt het tot hem door, wat hij hoorde kwam uit het diepste binnenste van een boomstam. Ontsproten uit de zwarte aarde zag zij hoe een dennenmoorder glimlachend een einde maakte aan haar moeders aardse bestaan. Dennenmoorder Een leven zonder gezwam is maar saai, elk bos verandert dan in een oneindige berg houtsnippers. Maar er zijn ook schimmels die een ander beroep kiezen dan nuttige vuilni

Klein gezwam

Eindelijk herfst. De regen klettert op het dak, berkenbladeren zweven vederlicht naar de grond. Na maanden droogte zit kabouter spillebeen met een nijpend gebrek aan stoeltjes. Elders zijn ze al wel gezien maar rood-met-witte stippen ontbreken nog steeds op deze uitloper van de Hondsrug. Maar voor wie ze wil zien is er voldoende gezwam te vinden. Deze serie foto's werd gemaakt tijdens een excursie van KNNV Groningen naar de Ennemaborg in het Groningse Midwolda. Al jaren een mycologisch kroonjuweel van het Groninger Landschap. Meestal is het voldoende om aangenaam te wandelen en je te verbazen over rijkelijk uitgestrooide paddenstoelen. Greppels vol draadknotszwammen, bomen getooid met prachtvlamhoeden. lanen omzoomd door kleurrijke russula's. Tot deze week was het echter vooral genieten van een heerlijk herfstzonnetje, wat beginnende herfstkleuren in een groen bos en een enkele zwam. Voor de echte mycologen is er echter altijd wat te vinden. Het recept: men neme een oud

Verborgen leven van bomen

Mysterieus mosbos, La Gomera Mistflarden zweven door het bos. Klauwachtige takken grijpen in elkaar. Groene mantels van mos stijf tegen de takken gedrukt. Aardse geuren vullen de lucht. En dan wordt de stilte doorbroken door een zuchtje wind. Een zacht geluid golft om je heen. De Ents, het bomenvolk van Tolkien, komen in beweging, rukken op op en sluiten je in. Bomen zijn mysterieus. Ouder dan mensen ooit zullen kunnen worden. Schijnbaar vast geklonken aan hun plekje aarde laten ze de tijd met vallende bladeren langs hun bast naar beneden glijden. Soms tegen de verdrukking in groeiend, soms schijnbaar verslagen maar steeds weer terugkomend. Elk perceeltje wat wij even niet nodig hebben veranderd  in bos. Onze houding tegenover bomen is altijd ambivalent geweest. We slaan ze tegen de vlakte, verbranden ze om akkergrond te krijgen maar tegelijkertijd kunnen we er ook niet zonder. Directe leverancier van voedsel en indirect van broodnodige rust in deze hectische wereld. En onzich

Voorouders in de zak

Ronde zakpijp, Molgula manhattensis - Lauwersoog Waar komen we vandaan? Wie waren onze voorouders? Vragen die sinds mensenheugenis gesteld worden. Gaan we terug tot Lucy uit Oost-Afrika? Met haar meer dan een miljoen jaar oude botten toch zeker een verre verwant. Maar het kan nog verder. De lijn volgend naar de eerste zoogdieren uit het Mesozoïcum, geleidelijk overgaand in de reptielen. Dan terug naar de amfibieën en de allereerste visachtige wezens uit het verre Ordovicium, 450 miljoen jaar geleden. Dan wordt de lijn steeds vager, fossielen zijn er nauwelijks meer. Maar toch moeten we daar onze Adam vinden: de manteldiertjes of zakpijpen. Ronde zakpijp (Molgula manhattensis) - Lauwersoog Japanse knotszakpijp (Styela clava), beide openingen ingetrokken - Lauwersoog Gesterde geleikorst (Botryllus schlosseri), oranje vorm uit de Oosterschelde - Neeltje Jans Gesterde geleikorst, witte vorm - Lauwersoog Als landrotten komen wij zakpijpen nauwelijks tegen. We mo